Pagina's

dinsdag 30 augustus 2016

Naar Tongeren, de oudste stad van België

Met z'n vieren zijn we er nog eens op uit getrokken. Ik en den Hugo, de Ronny en de Catsjoe. Het zalige zomerweer zou voor de perfecte omkadering zorgen ! Daar paste natuurlijk een uitgekiend wandelparcourstje bij. Wat dacht je van Tongeren ? In 'de' Limburg om er een geografisch kanttekeningetje bij te plaatsen.
In het zuiden van de provincie Limburg, de groene long van ons landje, daar vind je Belgiës oudste stad Tongeren. In deze hoedanigheid kent de stad in hoofdzaak twee soorten toerisme. Enerzijds is er het cultuurtoerisme en anderzijds kan je er terecht voor het plattelandstoerisme. Meer dan 500.000 toeristen per jaar bezoeken er het Gallo Romeinse museum en de antiekmarkt. Het zijn er de belangrijkste trekpleisters. Maar mede door het toenemend plattelandstoerisme ondernomen door fietsers en wandelaars werd dit deel van het Limburgse Haspengouw al gauw een absolute topper. 
Nog voor Julius Caesar er in de 1ste eeuw voor Christus zijn Romeinse legioenen inkwartierde werd de streek bewoond door de Eburonen. Ze werden er echter verdreven door deze doorluchtige krijgsheer waarna de Tungri, ondertussen onderworpen Galliërs, het recht verkregen zich te vestigen in de nederzetting Atuatuca Tungrorum. Tongeren groeide uit tot een municipum, een hoofdstad in het Romeinse Rijk. De sporen uit deze Romeinse periode beslaan een aaneengesloten terrein van ongeveer twee vierkante kilometer. Ze vormen daarmee het grootste archeologisch complex van de Lage Landen.  Als "oudste stad van België" gebruikt Tongeren zijn Romeinse verleden dan ook volop als een toeristische troef.



Voilà, Tongeren werd bijgevolg het doel van onze wandeling. Vroeg eruit want het zouden een kleine 3 uurtjes sporen worden. Den Hugo opgepikt en om 8 uur den trein op in Sint Niklaas. Afstappen in Berchem om aan te pikken bij de Ronny en een kommeke koffie bij het ons ondertussen vertrouwde koffieshoppeke uitgebaat door een Iraans madammeke. De Ronny had zichzelf voorgenomen om wat te sleutelen aan zijn verbale vaardigheden omtrent het maken van contacten met de medemensen. Een groepeke van 4 vrolijke dames met shoppingintenties in Brussel stapte op in Heist op den Berg. Prima didactisch materiaal om doelgroep te wezen in zijn aspiraties daaromtrent. Naar gewoonte leende de De Catsjoe zich tot springplank voor de nakende conversatie. Het gesprek kreeg desalniettemin een dramatische wending. Eén van de dames maakte gewag van een bijtaccidentje met een Rottweiler waarbij één harer vriendinnen hare neus was kwijtgespeeld op een muziekfestival. Droevige story waarbij van naaldje tot draadje de operatieve ingrepen uit de doeken werd gedaan om er bij de vriendin in kwestie een nieuwe neus aan te breien. Geen enkel element uit de medische wetenschap werd daarbij over het hoofd gezien. In Aarschot kwam aan de conversatie een bruusk einde want daar moesten we overstappen. De Ronny zijn proefkonijnen spoorden verder door naar Leuven. Rond halfelf zaten we in Tongeren na een voorspoedige treinreis zonder in- noch accidenten. Ze gaan er op vooruit met hunnen ijzeren weg me dunkt.
Start met een kort stukje in de voorstad om via de middeleeuwse omwalling richting stadsrand te tenen om van daaruit de wandellus aan te vatten. Overal wapperden de banieren van de kroningsfeesten aan de huisgevels. Tongeren is immers tevens de bakermat van het Christendom in de Lage Landen. Als oudste Maria-oord aan deze zijde van de Alpen werden er hier reeds in de Middeleeuwen heiligdomsvaarten georganiseerd. Toen in 1890 het beeld van Onze Lieve Vrouw 'Oorzaak Onzer Blijdschap' gekroond werd besloten de Tongenaren de heiligdomsvaarten uit te bouwen tot zeven-jaarlijkse Kroningsfeesten. Dit feest, ondertussen een traditie en erkend als immaterieel cultureel erfgoed, werd onlangs in juli gehouden. 3000 Tongenaren namen deel aan de processie. Met avondspelen, pontificale eucharistievieringen, concerten en optredens maar ook met hallucinante straatversieringen houdt Tongeren deze zevenjaarlijkse traditie hoog. 
't Was nog vroeg in de morgen maar een pintje zou wel al gesmaakt hebben. Zinnens om een sfeervol kroegje binnen te wippen op die middeleeuwse wal kregen we van de buitenstaande uitbaatster te horen dat het haar sluitingsdag was. Voortstappen dan maar. Immers, er moesten nog 20 kilometertjes afgemaald worden.
Jongens, wat is de omgeving daar mooi. Glooiende landschappen, donkere bossen, frisgroene weiden, mooie boerderijen en afspanningen, netjes onderhouden wegen en paadjes. Fruitgaarden van appelen en peren, je zit immers in Haspengouw de fruitstreek. Ik heb trouwens een paar kilootjes peren opgeraapt en meegebracht naar huis zodat ons Annick er confituur kan van maken. Je waant je ginds in één groot park. Overal vind je rustbanken en tafeltjes. Proper en uitnodigend. Nergens valt er een wanklank te bespeuren in de omgeving.  Prachtige harmonie tussen natuur en woongebied. Vriendelijk volk ook. Na een goed uurtje besloten we even halt te houden aan het picknicktafeltje daar waar het natuurlijk stroomgebied van de Jeker werd hersteld. Fleske wijn van de Jan en een sauciske, den Hugo had frikadellebollekes en gepickelde ajuintjes op grootmoeders wijze bij, de Ronny wat kaas en een extra sauciske, de Catsjoe had haar gedroogde kiekepoten bij alhoewel deze mee in de Ronny zijne rugzak zaten. Een voorbijganger kwam spontaan een babbeltje slaan. Hij bewierrookte de inspanningen van de natuurdienst in Tongeren. Een beetje uitleg over het herstelplan waarbij de oude loop van de Jeker werd hersteld moest ons overtuigen om de oevers dezer tijdens onze wandeling te blijven volgen. Dat hebben we deels gedaan en daarvan hadden we achteraf geenszins spijt. Zo sjiek daar. Holle wegen en beemden ... de Ronny had nog maar eens de foto-appareille van wijlen Nonkel Joseph zaliger meegenomen. Ik denk dat hij tegen de 200 foto's heeft getrokken. De bijlage aan foto's in onderstaande slideshows mag dan ook lijvig genoemd worden. Voor de verandering zet ik er 2 op. Eerst de mijne en in afwachting een volgende met een selectie uit deze van de Ronny. In het licht van den Hugo zijn pelgrimsreis naar Rome heeft hij daar een prachtige foto getrokken met den Hugo aan het einde van een holle weg badend in het zonlicht. 't Zou zo als cover kunnen dienen voor een boek over pelgrimeren. Onderweg kwam den Hugo zijn tocht uitvoerig aan bod. Ik haalde de pieren uit zijne neus want in 2018 zoek ik, bij leven en welzijn uiteraard, er ook aan te beginnen. De Via Francigena, het doet me terzijde denken aan franchipannekes, startend aan de kathedraal van Canterburry in Engeland tot in Rome, de Pauselijke Stad. Ik ga trouwens een nieuwe blog starten met de voorbereidingen. Die voorbereiding is voor mij al de helft van het plezier. Eén dezer dagen vermeld ik wel de link daar naartoe.
We stapten nog wat door. Dorstig weer was het en we waren onderweg geen enkel kroegje meer tegengekomen. Op 5 km van het eindpunt werd er een pauzeke ingelast onder de schaduw van een een iep. Op een bankske weliswaar. Een 'local' kwam er aangewandeld. Ook deze mens sprak ons vriendelijk aan. Met de vraag of we ergens in de geburen een terrasje konden strikken kwamen we te weten dat we er op een haar na voorbijgewandeld waren. Maar, en hij wees naar een huizeke enkele honderden meters verderop, dat huis met die witte gevel daar, daar woon ik. Ik kan jullie daar wel een pintje aanbieden. Die brave man vertelde van zijn voettocht naar Scherpenheuvel. Hij had daarvan geleerd dat hij zeker niet mocht gaan zitten onderweg. Op zijn eerste tocht had hij dat wel gedaan en zo bleek; hij kon niet meer bewegen eens hij rechtop was gaan staan.

Een kroegje hebben we toch nog gevonden maar daarvoor moesten we eerst nog doorstappen tot in Tongeren centrum op de grote markt. Een sfeervol terrasje vlak aan het standbeeld van Ambiorix nodigde uit tot plaats te nemen. Bij dat standbeeld herinnerde ik mij m'n motortochtje van vele jaren geleden. Meta, een vriendin die toen meereed maakte toen de opmerking dat dienen Ambiorix nogal klein geschapen was. Ze zal er nu wel niet wakker van liggen maar ik kan haar melden dat zijn fysieke toestand ongewijzigd is gebleven na al die jaren. Den Hugo laafde zich op dat terraske aan een authentieke gueuze, voor mij een Maredsous blond en de Ronny, die meer van hoppige bieren houdt, bestelde een Paljas. Voor de Catsjou een bakske water dat we afhandig maakten van een schoothondje liggend aan een aanpalend terrastafeltje. De eigenaars van dit beestje, franssprekende toeristen, maakten helemaal geen bezwaar. Een mooie afsluiter weeral van een knappe wandeling.
Tot aan de statie was het nog een kleine kilometer lopen via de winkelwandelstraat. Er kon aan het station nog een laatste heildronk soldaat gemaakt worden want er moest nog even gewacht worden op de trein. In de gauwte dan maar. In het statiecafé kregen we het gezelschap van een straalbezopen dame. Jongens, die madam was lazarus. Ze dronk witte wijn, al een geluk want moest het rode geweest zijn ... ze morste meer op haar kleren dan dat ze in haar keelgat goot. Haar portemonnée had ze eerder al leeggeschud op de vloer. Die centjes heb ik nog voor haar opgeraapt. Nochtans was het een vriendelijk mens. De Catsjoe deelde in haar gentilesse en moest het bekopen met oeverloos geflodder. Zelf zou ze graag een hond gehad hebben maar haar vriend maakte bezwaar. Althans dat konden we opmaken uit haar gewauwel. Ach, ik oordeel niet, men kent immers de oorzaak niet waarbij men voor de drankroes kiest. Tijd om naar huis te gaan. Moeder roept ! Oefening baart kunst. Op de trein huiswaarts herinnerde de Ronny zich opeens zijn voornemen terug om zijn communicatieskills naar een hoger niveau te brengen. Deze keer was het een sympathieke roodharige jonge dame die in de prijzen deelde en opnieuw was het de Catsjoe die voor het bindmiddel zorgde. Het is toch verbazingwekkend hoe zo een beestje de sociale contacten bevordert. Onze wandeling zat er ondertussen bovenarms op. 
Wel, dit mocht weeral een zoveelste geslaagde dag genoemd worden. Om halftwaalf was ik pas thuis.



Created with flickr slideshow.


Voilà. Fotokes van mijne maat met het toestel van Nonkel Joseph kan ik niet in een slideshow weergeven. De resolutie van deze foto's is zo hoog dat er 3 Giga wordt ingeladen bij download van 100 fotootjes. Na 2 uur download ben ik uit armoede er mee gestopt.
Maar een link naar One Drive heb ik wel : https://1drv.ms/i/s!AjG86ElGtmE0_GeIGOYp-nXqp2GB

zaterdag 13 augustus 2016

Op stap met Greet in Herselt

Alweer is het een tijdje geleden dat ik de Zotte 50 van Gheel heb gestapt. De tijd staat immers niet stil. Voor mij was zo een massa-event volledig onbekend terrein. Een serieuze afstand die ik samen met Greet, m'n ex-collega heb gestapt. Het was leuk maar mijn voorkeur gaat toch meer uit naar een wandelsport zonder dat competitieve kadertje. Greet stuurde me een mailtje. "Geen zin om samen 25 km te stappen in Herselt ?". Tuurlijk, zoiets ga ik niet uit de weg. 
Een 5-daags vakantieprogramma 'Herselt beweegt & amuseert' wordt er jaarlijks georganiseerd door het gemeentebestuur. Seniorendag, jogging, muziekoptredens, kermis, jeugdanimatie, sportkwis, vrijwilligersviering en noem maar, het kwam tussen 9 en 13 augustus daar in Herselt allemaal aan bod. De Herentalse wandelclub had er voor zaterdag een schitterende luswandeling uitgetekend. 10 uur en in de grote tent stond Greet me al op te wachten. Een lus van 25 km hadden we in gedachten.


Ongeveer 1400 ha van Herselt bestaat uit beboste oppervlakte. Dit is ongeveer 1/4 van de totale oppervlakte. Herselt omvat dan ook verschillende grote bosrijke gebieden, Hertberg, Varenbroek, Helschot en de Langdonken. Je kan er uren en uren wandelplezier plannen.  
Ik had er zin in. Greet had me al ingeschreven dus we konden meteen vertrekken. Goed weer ook dus alles zat in de haak. En de sfeer was er meteen. Na amper 2 km al een stop in café 'Den Hulst', een kroeg met meer dan 300 soorten bier. Een Gouden Carolus was nu wel niet het typische streekbier maar die smaakte toch voortreffelijk. Veel gebabbeld onderweg. Over kroost en gezin, het werk, over gelezen boeken vertellen, wat spiritueel geprakkizeer, bokes eten onderweg in een voetbalkantine, de bossen ruiken, boswegeltjes, frisse weidegronden, het bracht me in stemming. En dit alles op het duizendste gemakske. De kilometers vlogen voorbij. Een beetje voor het einde lag er nog een mooie stop op de weg. De kapittelhoeve. We liepen daar naast de Herseltse wijnvelden. In de kapittelhoeve kan je er de streekwijnen gaan proeven. Je houdt het niet voor mogelijk maar dat zijn zondermeer topwijnen die je daar opgediend krijgt. Je hebt er de keuze uit een 12-tal cépages. Zelfs een gewürztraminer voor de zoetebekken staat er op de kaart. Pure kwaliteit uit onze eigen bodem. Als je daartoe de kans krijgt mag je een bezoekje aan deze kapittelhoeve zeker niet links laten leggen.
't Zat er weeral op. Eindstop was het cafeetje 'De Goede Vrijdag' voor een colaatje en om even Danny, Greet haar partner, op te wachten. Die was de bewegwijzering gaan aanbrengen voor de fietstocht op zondag. Greet kieperde er een trippel binnen en den Danny een donkere Bink. Jongens toch ... zoek het maar eens op ... Nous les Belges, nous vivons dans le Pays de Cocagne.



Created with flickr slideshow.

donderdag 11 augustus 2016

4/4 Escapardenne / Engreux - La Roche-en-Ardenne


Zo, vandaag werd het de Escapardenne-zwanezang. Een laatste monstertrippeke van bijna 30 km tussen Engreux en La Roche-en-Ardenne. Het weer zag er 's morgens nog vrij goed uit maar kwa temperatuur was het maar een ampere 12°C. En dat midden in de zomer nog wel ! De rommel vlug bijeengescharreld en om de staptoer goed te beginnen nog een kommeke koffie op het terras bij Marianne. Geen ontbijt, daar was volgens haar nooit een vraag naar gesteld en daarom suggereerde ze ons enkele vannillewafels als alternatief. We konden vertrekken. Al vlug zagen we neer op een steil dalend en slijkerig bospad dat ons naar het dal van de Ourthe zou leiden. Een klein stukje viel er nog doorgelopen te worden tot aan de kleine stuw van het meer van Nisramont. Op het bruggetje over de dam liep er een horde geocachers onder leiding van een gids. Mooi op een rijtje. De rode lantaarn in de horde werd gedragen door een vrij mollige kerel. Hij liep wel 100 meters achteraan. Waarschijnlijk was die gids geen overbodige luxe want het traject dat ze bewandelden, een 13 km lange lus rond het meer, is wel één der mooiste van de Ardennen maar tegelijkertijd wordt er gewaarschuwd dat je lichamelijke conditie in orde moet zijn wil je die lus tot een goed uiteinde brengen.


Zowat 2 km na de kleine stuw kwamen we aan de samenvloeiing van de twee Ourthes. De oostelijke en de westelijke met name. Onderweg op dit stukje heb ik de sporen tegengekomen van bevers die aan de bomen hebben gepeuzeld voor hun dammen te kunnen bouwen. Het pad liep licht stijgend naar het dennenbos en verder omhoog door een dicht beukenwoud. Bij een overdekte picknickbank, speciaal geplaatst voor het nieuwe Ardennenpad, was het de moeite om ietsje rechtdoor te lopen tot een prachtig uitzichtpunt over een Ourthemeander. Hier aan de samenvloeiing van beide rivieren ging het pad flink omhoog.


Puffen en zweten, hijgen, stoppen en uitblazen was er aan de orde. Gedeeltelijk liep dit pad over trappen, zo tot een hoogte van ongeveer 390 meter. Eénmaal op die hoogte moest je afhankelijk van de weersomstandigheden, ijzelvorming bij vorst en sneeuw of zelfs bij schemering richting Filly uit. In andere omstandigheden kon je over een stuk geërodeerd pad de Ourthe-oever blijven volgen. Dat waren we ook van plan en een 100 meter verder kreeg je daarvoor als kado een 'belvédère'-uitzicht over de stuwdam van Nisramont. Jongens dat was echt zware kost. Niet te verwonderen dat er bij die geocachers een gids aan te pas kwam. Eénmaal aan de grote stuw van Nisramont kon de Ronny zijn geluk niet op omdat het toeristenkroegje aldaar al open was. Met het karige ontbijt in herrinnering hebben we daar een lekker pizzabroodje binnengespeeld. Geen pintje dit keer maar een goeie Bordeaux van Texas. Een colaatje met andere woorden. Voor de suiker zie je ?

Daarna werd de Ourthe gevolgd tot bijna in La Roche-en-Ardenne. Het was ondertussen flink beginnen te regenen en de temperatuur daalde sterk. Maar ook hier langs de bochtige oevers was het goed opletten geblazen. Van een jaagpad diende hier helemaal niet gesproken te worden. Glibberige modderpaden, boomstammen dwars over het pad, knoestige boomwortels, keien in alle formaten en kleuren, Kortom dit was voor mij een zelden eerder gezien assortiment. Regelmatig moest je zelfs op je knieën over metershoge rotsblokken klauteren waarbij de regen het er allemaal niet makkelijker en veiliger op maakte. Nader bezien was dit een zeer afmattend stukje waar je liefst niet onbezonnen aan zou mogen beginnen.

Iets voor La Roche zijn we nog een eethuizeke binnengewipt. 't Was eigenlijk meer een crêperieke. Even opwarmen en die kletsnatte poncho's laten drogen. Den beer in de maag was beginnen te grommen. Een stevige omelet met ardeense ham en paddestoelen zou er wel ingaan. De eigenaar kon die in alle rust bereiden. Zijn zaak was immers zo leeg als de portemonnee van een clochard. De mand met brood die hij opdiende eveneens. Een anderhalf sneetje de man begot, de gierigaard. De omelet was wel af. Na een goed halfuurke konden we er terug tegenaan. Een 6 à 7 kilometertjes restten er nog tot aan de camping. Deze keer geleidelijk aan naar boven en beneden. Een gehele verademing na een ganse dag geklauter. Camping Floréal in La Roche is een megacamping. Rond 7 uur waren we ter plaatse. Het onthaal was al gesloten. Wat nu ? Een briefje aan de deur verwees naar het gsm-nummer van de toezichter. Ja, die brave mens, Raymond was de naam, stond er vrij vlug en wees ons een plaatsje aan. Op onze vraag of er nog een trekkershut beschikbaar was, aangezien we kletsnat waren en het nog steeds regende, moest hij ontkennend antwoord geven. Goed, dan maar naar de bar om ons te drogen. Daar konden we de rugzak en de Catsjoe kwijt zodat die niet in de regen moesten liggen bij het opstellen van het tentje. Eén voor één zijn we dan ons tentje gaan rechtzetten. Vanuit de bar was het zeker 500 meter lopen tot op de kampeerplek. Raymond beweerde dat er 6 km aan paden liep door de camping. Hij zou wel eens gelijk kunnen hebben.


Eens het tentje rechtstond zijn we terug daar in de bar gaan hangen voor een paar La Chouffekes, het gerstenat van de kaboutertjes. De Raymond had ervoor gezorgd dat er een bingo-avond kon doorgaan in die bar. We zijn dan maar blijven kijken. Onze rugzakken stonden naast het tafeltje met de bingoprijzen. Een paar jonge Hollandse kerels, later bleek dat ze vlak naast ons op het kampeerterrein zaten, sleepte de éne na de andere prijs in de wacht. Bijna was ik mijn rugzak kwijt. "Nou, die backpack zie ik geheel wel zitten" riep hij bij het uitzoeken van zijn prijs toen hij nog maar eens gewonnen had. Afblijven makker ! Ze konnen er eens goed mee lachen.  Die mannen gingen de Eisleck lopen daags nadien. Alhoewel het sportieve en sympathieke jonge kerels waren, was en blijf ik van oordeel dat deze trail zich niet leent tot loopparcours. Ik kan me echter lelijk vergissen bij zo'n inschatting.
De escapardenne zat er op toen we vrijdagochtend wakker werden in ons tentje. Een paar stevige koffiekoeken konden we nog verschalken in het campingwinkeltje en vervolgens zijn we rustig naar de stadskern van La Roche gewandeld om daar de TEC bus naar Marche en Femme te nemen. Die kwam er juist aan. In Marche nog even rondgewandeld om na een uurke de trein naar huis te nemen. Om 5 uur was ik thuis. Hewel het was een mooi tripke, zwaar zeker en vast. De Ronny en ik hebben ervan genoten. Zowel van het wederzijds gezelschap als van de fikse wandeling. Een volgende keer moet ik toch bij een soortgelijk parcours te lange afstanden zien te vermijden. Het was er een ietsje over. Die mening konden we samen delen.
Maar de bottinnen kregen nog even geen rust. Op zaterdag wachtte er al een nieuwe wandeling. Op uitnodiging van Greet waarmee ik de Zotte 50 van Gheel heb gelopen, zou ik mee een rondje Herselt gaan stappen. Rust roest.




Created with flickr slideshow.

woensdag 10 augustus 2016

3/4 Escapardenne / Houffalize - Engreux

Ook in Houffalize troffen we vriendelijke campinguitbaters. De uitbaatster, een Poolse, sprak vlot Frans en Nederlands en de vakantiegangers waren voor merendeels Nederlandssprekend. Het was er wel vrij prijzig voor een lapje grond dat bovendien niet vlak lag. 32 € alstublieft. Ik ben meerdere keren wakker geworden doordat ik van voor naar achter schoof op mijn matraske. Iets langer getreuzeld in de morgen want het zou een klein tripke worden. Rond de 10 km maar naar Engreux. Beetje recupereren van de zware tocht van de dag ervoor. In Engreux staat er ook een bivakzone. Niks mis mee zo pure basic maar een douchke moet je er ontberen. Dan maar gekozen voor camping 'Au Bout du Monde' in Engreux.
Na enkele koffietjes werd het tijd om op te krassen. Al vlug liepen we onder het viaduct van Houffalize door. Dit viaduct werd gebouwd eind jaren '70 bij de aanleg van de E 25-autosnelweg en overbrugt het oostelijke dal van de Ourthe met een lengte van 370 meter lengte en is samengesteld uit twee identieke kunstwerken (één per verkeersrichting) door een overlangse voeg gescheiden. Er is in totaal 20.000 kubieke meter beton en 1.672.200 kg staal gebruikt
Onder het betonnen welfsel van de brug hebben we nog een hele conversatie gehad met een Hollandse madam. Haar teerbeminde echtgenoot was een verwoed stapper en ze had zojuist een stukje meegelopen met haar hond om hem op weg te zetten. Het beest ging vroeger altijd mee op stap maar de ouderdom liet dit nu niet meer toe.



We zaten hier op 400 meter hoogte en met een regelrechte duik van 80 meter door een donker sparrenbos kwamen we uit aan de oevers van de Ourthe. Je kon er zelfs pootjebaden. Reuzegrote rustbanken kwam je tegen onderweg en die moesten beslist eens uitgeprobeerd worden. Wel, echt comfortabel was het besluit. Van deze makelij mogen er gerust enkele duizenden in Vlaanderen neergepoot worden.
What goes up, must come down ! Een evidentie. Vergeleken met de dag ervoor waren het deze keer langere trajecten waarbij stijgen en dalen aan te pas kwamen. Deze keer liep het pad onverminderd voort langs prachtige plekjes en mythische bossen en wonder boven wonder, al 3 dagen zonder regen en subliem weer. Rond een uur of 3 kwam de camping al in zicht. Er was nog plaats. Veel plaats nog want op een paar residentiële vakantiegangers na was het ganse kampeerterrein nagenoeg leeg. Marianne, zo heette de uitbaatster was haar drive een beetje kwijtgespeeld. Al 40 jaar draaide ze haar nestel af in 'Au Bout du Monde'. Heel de zaak was dringend aan een opfrissing toe en volgens mij zag ze dat niet meer zitten. Het stond te koop. Ook was ze vrij selectief geworden in de keuze van haar klandizie. Geen jeugdgroepen meer en geen bende jonge gasten die ze nog toeliet op haar camping. Op advies van Marianne zouden we kunnen gaan eten in het dorp. Ze verwittigde ons wel dat de uitbater van het restaurant ne rare kwibus was. Honden waren niet toegelaten, de Catsjoe moest in de tent blijven of Marianne zou hem wel even bijhouden en doggysitten. Verder deed hij zijn etablissement maar open wanneer hij goesting had. Op goed geluk zijn we maar eens gaan zien. Het was open maar de Ronny had met opzet een verkeerde deur vast om binnen te komen. Nogal forsig deed hij alsof hij wou binnenbreken. Verdorie, die kerel had het in de smiezen. Eens binnen trok hij een smoelwerk waarmee je een grafzerk zou kunnen versieren. Door zijn dikke brilglazen loerde hij ons angstvallig aan, nog een beetje en het druipte van zijn billen af ocharme. Het duurde toch nog even vooraleer hij overtuigd was dat de Ronny helemaal geen slechte bedoelingen had en nadat hij een glazeke rode wijn aangeboden kreeg was hij volledig bijgedraaid. We mochten zelfs zijn expositie gaan bezoeken. Heel zijn restaurant hing vol schilderijen en kabouters. Het eerste verdiep had hij zelfs omgebouwd tot een oudheidkundig heem. Ook hier hing het vol schilderijen en parafernalia uit de streek. Wat ons opviel was dat in zijn collectie van kabouters en prullaria duidelijk de erotische snaar werd bespeeld. Toch was het geheel een vrolijke noot in het dorpsbeeld van het vredige Engreux. Het eten dat Meneer Zonderling voor ons bereidde was ronduit lekker. Frietjes, een lekkere salade en een lap biefstuk die bijna over de randen van je bord kwam. Doorgespoeld met ne St. Feuillin was dat dik in orde. We konden gerust in ons beddeke kruipen. Nog even slaapwel gaan zeggen bij Marianne en de dag zat er op. Aan de tent nog even de sterren bewonderd ... en daaronder mogen slapen, geen enkel hotel heeft zoveel sterren. 's Anderendaags stond La Roche en Ardenne op de rol. Weer een klepper voor U tegen te zeggen. Ook hier zouden we sterren zien !!! De hele melkweg !   



Created with flickr slideshow.

dinsdag 9 augustus 2016

2/4 Escapardenne / Troisvierges - Houffalize

Zo, de eerste dag zat er helemaal op. En na een nachtje slapen als een roos in mijn tentje, lag er weeral een nieuwe dag in 't verschiet. De Catsjoe, de Ronny had haar begot hare pyjama aangedaan voor de nachtelijke kou, kwam me met veel enthousiasme wakker maken met ontelbare likjes. Een braaf beest is het ! Goed geslapen, dat wel, maar een beetje stijf aan de voeten. De ervaring heeft me ondertussen geleerd dat dit na 50 stappen stilletjes over gaat. Een douchke was al aan de vooravond genomen dus restte er enkel nog op te kramen. Tent dus bijeengevouwen en rugzak gemaakt.

Rond een uur of 9 zouden we kunnen ontbijten aan het campingonthaal en rond 10 uur kon er opgekrast worden. Zo een paar chokoladecroissantjes en een kommeke koffie 's morgens vroeg aan een tafeltje buiten in de natuur smaakt toch helemaal anders dan thuis aan een keukentafel vind ik. Een zalige start.
Bij het verlaten van de camping moesten we het houten poortje, typerend voor de Eisleck trail, onderdoor waarna er weer helemaal naar omhoog diende geklommen te worden. De toon was onmiddellijk gezet. En dat met 28 km in het vooruitzicht aan 2,5 km/u. Het doel was de paalcamping van Les Bois Blancs te bereiken. Deze ligt een 3-tal km voor Houffalize. Opnieuw een prachtige wandeling met veel hoogteverschillen. Absolute stilte op de hoogten waar je betoverende panorama's kreeg voorgeschoteld. Indrukwekkende sparrenwouden met kaarsrechte stammen loodrecht op de steile flanken zo ver je kon zien. In de onderweg gepasseerde schaarse gehuchtjes hoorde je dan weer steevast de machines van de houtvesters. Bomen vellen en verzagen, stronken klieven ... de doordringende geur van verbrande 2-takt uit de kettingzagen vermengd met de hars van de boomstronken. Heel herkenbaar die reuk.

De landsgrens werd bereikt. We zaten terug in België. Een beetje een teleurstelling werd opgelopen omdat het pad er ineens erg onderkomen bijlag. Juist over de grens, nog geen 100 meter erover, liep het pad tussen 2 weilanden. De boer had er een diepe voor in geploegd voor de afwatering. Een schande. Nog wat verder liep het pad langs het kanaal van Bernistap. Een klein restje kanaal en tegelijkertijd een stuk nostalgie in de waterbouwkunde. Het resterende stukje kanaal getuigt van een ambitieus project dat de Maas met de Moezel moest verbinden ten tijde van het ontstaan van België. Een waanzinnig en duur project was het om een kanaal te trekken dwars door de Ardennen tussen 2 superieure waterbassins. Vanuit Luik (aan de Maas) moesten paarden de schuiten stroomopwaarts trekken over een aan te leggen oeverpad langs een gedeeltelijk te kanaliseren Ourthe. In de buurt van Houffalize diende er een nieuw kanaal aangelegd te worden naar de waterscheidingslijn toe. Aan de andere kant van de waterscheidingslijn werd er aansluiting gezocht met de Moezel te Wasserbillig via een gekanaliseerde Trëtterbach, Woltz - Clerve en Sûre. Om het plan te realiseren zou het kanaal vanaf de Maas te Luik een hoogteverschil moeten overwinnen van 400 meter om aan de andere kant van de lijn dan weer 300 meter te dalen tot de Moezelvallei. Het lijkt een krankzinnig project, om het te realiseren werden maar liefst 215 sluizen in het plan voorzien !
Het is echter nooit helemaal afgeraakt. Deels door de komst van de trein, deels de politiek instabiele toestand bij het ontstaan van ons landje.
Het stukje kanaal dat we doorliepen was voorzien van een woest stukje natuur op haar oevers. Hoog opgeschoten onkruid, netels en doornstruiken overwoekerden het pad.  Een bordje aan de ingang verwittigde voor een gevaarlijk pad. 't Viel nog mee. We hebben zelfs nog een beverdam kunnen spotten onderweg en zijn er heelhuids buitengeraakt.


Onderweg kwamen we een houtvester tegen die in zijn stiel nog beroep deed op Ardeense paarden. De man was zo vriendelijk om een woordje uitleg te verschaffen. Met veel trots deed hij de laadklep open van z'n trailer waar zijn 2 knollen inzaten. 'Des Ardennais' verduidelijkte hij. Ik kon alleen maar hun kont zien maar het waren duidelijk ferme beesten. Deze paarden worden gebruikt om de gevelde bomen uit het bos te trekken. Ze brengen in tegenstelling tot tractoren geen schade toe aan de bodem. Bovendien zijn ze beresterk. Speciaal gekweekt voor deze job getuigde onze brave man. Zacht karakter, heel gehoorzaam aan de leidsels en ze kunnen hun immense kracht beter doseren. Een Brabander is hiervoor helemaal niet geschikt. Die trekken ineens alles kapot omdat ze moeilijker kunnen doseren. Prachtige dieren zijn het !
De paalcamping zijn we voorbijgelopen en we hebben een nettere camping iets voorbij Houffalize opgezocht. Mijn pijp was uit. Die van de Ronny eveneens. De Catsjoe had precies nog wat overschot. Een goeie pint op terras was verdiend. 't Werden er een stuk of 4 denk ik. Zo groot was de dorst, je moet niet vragen ! Daarna tentje zetten, douchke nemen en wat eten maken. Pasta met zalm, pikante saus, preistukjes, een vedetje en een glazeke wijn ... De Ronny kan goed koken. Ongelooflijk hoe je met schijnbaar oncombineerbare ingrediënten toch iets lekker kunt toveren. Tot slot nog indommelen onder de sterrenhemel. 't Kan niet simpeler zijn 't leven denk ik dan ....



Created with flickr slideshow.

maandag 8 augustus 2016

1/4 Escapardenne / Clervaux - Troisvierges

Hoog tijd om maar eens terug de werkeloze wandelbottinnen aan te trekken zodat we de weidse natuur nog maar eens kunnen gaan verkennen. Het is eens zoiets anders ! Een tripke in de Ardennen is daarvoor mooi meegenomen en de Escapardenne zou zich daar uitstekend toe lenen. Deze route, ook wel de Eislek Trail genoemd loopt over 104 km van Kautgenbach in Luxemburg naar La-Roche-en-Ardenne door een schitterend deel van de Ardennen. Het is een vrij nieuw langeafstandspad dat het Groothertogdom Luxemburg verbindt met de Waalse provincie Luxemburg. Grensoverschrijdend dus en niet alleen letterlijk! Dit is het eerste wandelpad in de Benelux dat ontworpen werd volgens de strenge Europese normen om het label 'Leading Quality Trail' te verkrijgen.
Met z'n drietjes, ttz ik de Ronny en de Catsjoe, wilden daar wel eens van proeven. Rond 8 uur de trein op en na een vlekkeloos parcours (waar gaan we dat schrijven ?) van 4 uurtjes sporen stapten we af in Clervaux. Clervaux ligt nu wel op een 20 tal kilometertjes van het startpunt in Kautgenbach maar toch nog pal op de route. Met maar 5 dagen 'verlof', een hol woord trouwens voor ne mens 'op rust', moest ik noodgedwongen de trail een beetje inkorten.
Hoe kan je beter een staptocht beginnen dan starten met een goei frisse pint ? 'A l' Amitié !'. Schol Ronny en Catsjoe ! Met een pilsje uit Diekirch op een terrasje in Clervaux stonden we klaar in de startblokken. Rond 2 uur zijn we er aan begonnen. Nog vlug enkele fotootjes genomen van het straatbeeld in Clervaux, de benidictijnerabdij met de rode daken, de roze geschilderde huisgeveltjes, het kasteel en weg ermee. Via een trappenpaadje naar een oude dienstweg van de spoorwegen zetten we onze eerste stappen. De eerste trip was gepland tot in Troisvierges of Ulvelingen in 't Vlaams. Nauwelijks 13 km, maar dat werden er al vlug 16. Door het babbelen met elkaar verlies je bij wijlen de aandacht voor het spoor en loop je vlug enkele honderden meters verkeerd. Op vlakke wegen deert zoiets weinig maar we zaten daar in de noordelijke Ardennen en geloof me gerust, klimmen en dalen naar hartelust. Die ganse trail telt maar liefst 3900 hoogtemeters. Nog maar eens heb ik dit weeral zwaar onderschat. Je stapt ginder aan een gemiddelde van amper 2,3 km/uur. De helft van je snelheid op vlakke wegen.


Richting Troisvierges liepen we pal op de scheidingslijn van de 2 Luxemburgen en zo steeds maar hoger tussen de waterscheidingslijn van het Maas- en Rijnbekken. Dit steeds op onverharde paden. De asfalt- en betonstroken werden zorgvuldig vermeden bij de oplijning van deze trail. Met prachtige wouden onderweg, groene heuveltoppen en weidse uitzichten afgewisseld met hier en daar een doortocht van een vredig gehuchtje werd dit een boeiende kennismaking met onze Ardennen. Je kon ze als het ware voelen.
Onderweg in een natuurreservaat botsten we op een merkwaardig monument. Op 21 maart 1945 vloog een tweemotorige Lockheed Hudson van Engeland richting Dresden. De zending was in opdracht van het Special Operations Executive, met als doel agenten te droppen achter de vijandelijke linies om te infiltreren en mee het verzet te organiseren. Feit is dat de Hudson onderschept werd door een Amerikaanse vlieger en verkeerdelijk werd beschouwd als een vijandig toestel. De Hudson werd op een paar seconden in brand geschoten en stortte neer nabij de plaats waar zich nu het monument bevindt. Commandant Helfer is er nog in geslaagd om zich te redden met zijn valscherm. De andere bemanningsleden legden het loodje. De crew bestond uit een Brits commando. De agenten aan boord waren van Belgische origine. 2 verwrongen motoren, een deel van de vleugels en de cockpit zijn nog ter plaatse te bekijken en werden hier samen gelegd. Enkele jaren geleden werden de resten wat opgepoetst en werd er een hek geplaatst rond het wrak. Het grafmonument bestaat uit één graf waarrond 6 naamstenen.
Helaas, iets verder op een steile heuvelflank in het woud waren we getuige van een spijtig voorval. Pal naast de spoorweg in de diepte had ik enkele reeherten gespot. Een stuk of 6 wel.De Ronny liep een 50-tal meter voorop met Catsjoe. Hij had die beestjes nog niet opgemerkt en daarom riep ik hem toe. Waarschijnlijk geschrokken door mijn roepen vluchtten ze schichtig weg. Een ree kwam daardoor ongelukkigerwijs onder een aandenderende trein terecht en werd meegesleurd. Een zielig voorval weliswaar !
Troisvierges kwam in zicht. In de 18de eeuw werd het dorpje een regionaal pelgrimsoord ter ere van de Drie Maagden, vandaar de huidige Franse naam Troisvierges. Het is voor mij een taalkundig raadsel hoe de benaming Ulvelingen daaruit is kunnen ontstaan ?
Op de camping in Troisvierges was het een drukke bedoening. Blij dat we ondanks die ampele 16 paaltjes aangekomen waren. Het is bijna onmogelijk een vergelijking te maken met een wandelpad in de Lage Landen. Neem daarbij nog een rugzakje van rond de 20 kg en je kan je nauwelijks inbeelden waaraan je begint. Maar goed, we waren inmiddels ingelopen en beschouwden dit als part of the fun. Een vriendelijk onthaal viel ons te beurt aan camping Walensbongert. Plaatsje besproken met de campingbeheerders bij een verdiend pintje en dan nog vlug even naar de winkel om wat gerief voor het avonddis. Het tentje en de slaapaccomodatie werden opgezet. Zo, deze klus werd al geklaard. Fleske wijn en wat pasta, een sauciske als apéro en we konden beginnen koken. De Catsjoe werd voorzien van een lading gedroogde konijnenoren en gedroogde kiekenpoten. Een delicatesse te oordelen aan haar eetlust. Tentje dicht nu en slapen. Morgen zou het richting Houffalize een zeer zware klepper worden.





Created with flickr slideshow.