Pagina's

maandag 26 september 2016

Vlaams Brabant in de druivenstreek. Huldenberg


Verleden week was het vrij kalm met de wandelprogrammatie. Heel kalm zelfs want er stond helemaal niets geprogrammeerd. Het was er eens een keertje niet van gekomen, dat kan gebeuren. Maar, dat konden we dan vandaag wel inhalen met een toerke in Vlaams Brabant. Zelfs een uitschuivertje over de taalgrens in Le Brabant Wallon mocht er eventueel nog bij. Sjieke contreien zijn het daarginds tussen Leuven en Brussel. Dit zou een verkenningstochtje worden dat enkel zou weggelegd zijn voor mezelf en den Hugo. 
De Marc en den Angelo zoeken nu vrijdag de Escapardenne te stappen. Kautgenbach (Lux) - La Roche-en-Ardenne (B). Een voorafgaand toerke extra deze week zou iets te veel van het goede worden dus wezen onze beide stapmaten het voorstel vriendelijk af. Maar, ze gaan er van smullen van die Escapardenne. Amaai nog niet ! Berg op en af à volonté maar niettegenstaande dit geweldig mooi. Ondertussen hebben ze wreed de smaak van het stapplezier te pakken. Daar in de Ardennen zullen ze zeker aan hun trekken komen. Ongetwijfeld !



Onze Ronny zat nog in Kreta, en heeft ondertussen nog een teken van leven gegeven. Z'n laatste mailtje luidde : Gisteren laatste deel gelopen. Ik twijfelde om het in twee dagen te doen maar het was zeer licht aan het regenen, hier een welgekome afwisseling. Het was wat koeler. Een kleine 30 km, waarvan  de laatste 5 over vuistgrote keien, maar op 1 dag afgehaspeld. Temperatuur liet het toe. Drinken was net op bij aankomst. Zit nu bij Stochos, één van mijn lievelingrestaurantjes. Gefrituurde minivisjes gegeten, had vissoep besteld maar uitverkocht. Heb ook al Janis, de oude visser, de Kosmas en Spyros (heeft hier een klein typisch cafeke) ontmoet. Lokale oude Griekse bekenden. Vanavond ga ik bij deze laatsten rakiën. Vandaag terug zon, dus een dag aan het strand en een boek + gazet  lezen. Blein is zo goed als genezen. Camping is wel basic, op zijn Grieks. Maar heb alles wat ik nodig  heb. Het leven is weer draaglijk ...

Allez, die laatste zin klinkt toch geruststellend. En de voorlaatste zin is zowaar nog het meestzeggend ! ''Maar heb alles wat ik nodig heb.'' Het is toch onvoorstelbaar hoe een ongekende dimensie van reizen zich openbaart wanneer je enkele dagen te voet reist. Je lijf synchroniseert zich opnieuw met de tijd. En al vlug kijk je met een andere bril, naar mensen die zich met een gejaagde levensstijl onbewust het slachtoffer maken van een doldraaiende maatschappij. Het wekt enigszins medelijden op. Daar kom je op zo een tocht al heel vlug achter.
Maar, al bij al hoop ik dat ik hier geen inbreuk tegen de Ronny zijn 'Copyrights' heb gepleegd door de inhoud van zijn mailtje hier te publiceren !


Om 10 uur stonden ik en den Hugo op het gemeenteplein in Huldenberg na een ritje van een goed uurtje met de auto. De verkeersdrukte, beter omschreven met verkeerschaos, rond Brussel staat in schril contrast met de peis en vree die je enkele kilometers buiten de grootstad in haar rand terugvindt. Jongens, ik beklaag de mensen die dagelijks die Brusselse ring op moeten. Het verkeersinfarct is ondertussen een vaststaand feit geworden. The Point of No Return is volgens mij overschreden.
Bottienen aan en weg. Iets voorbij het pleintje meandert de Kleine IJse, een zijriviertje van de Dijle, rustig door het landschap. Iets verderop vloeit hij samen in de IJse. De bron van dit riviertje vinden we terug in het Zoniënwoud vlakbij de Ganzepootvijver waar monniken in Dezekes Tijd ooit de priorij van Groenendaal hebben gesticht. Langs een heel mooi pad hebben we deze IJse gevolgd tot in Neerijse. In Huldenberg werd er aan dit pad de status van natuurleerpad verleend. Ongetwijfeld is het een onderdeel geworden van de lessen natuurkunde in de omringende schooltjes. Een heel mooi stukje stille natuur valt er te bewonderen maar ik vrees een beetje dat het in de weekends druk bezocht wordt door vele wandelaars. In Neerijse hebben we een picknicktafeltje aangeslagen voor de schoofzak. Den Hugo had een lekkere homemade kruidencake meegebracht. Een thuis gevonden fleske cider, waar ik ondertussen het bestaan van was vergeten, paste bij het moment. Momentjes om van te snoepen waarbij een pril herfstzonneke voor een subliem weertje zorgde in een prachtig decor.
Na het schof, terug op weg en dan ging het richting Dijle uit. Een gezapig klimpartijtje middenin een eikenbos voerde naar de top van de Dijlevallei. Vandaar ging het dan zachtjes naar beneden tot aan de Dijle. Die volgden we verder zuidwaards tot over de gewestgrens met Wallonië. Ik kreeg even de indruk dat ik mijn pad verkeerd had geplot want plots was er geen pad meer. Een afgesloten hek aan een paardenweide strooide roet in het eten. Maar het was geen echte hindernis. Even de burgerlijke gehoorzaamheid opzij zetten, hek open en de paardenweide in. In gezelschap van 2 paardjes hebben we verder de Dijle-oever gevolgd tot aan de afspanning met pinnekessraad. De paardjes werden hier bedankt voor het gezelschap en de verleende doorgang. De afspanning vormde niet echt een onoverkomelijke hindernis om het Dijlepad verder te volgen. Er onder door en weg. Vanaf hier kon je het nog nauwelijks een pad noemen. Het was duidelijk gedegenereerd tot een junglepad vol bramen, netels en heesters. We zaten op Waals grondgebied. Iets verder de Dijle volgend kwamen we aan het Grootbroek van St. Agatha Rode en bijgevolg terug op Vlaamse bodem. Dat Grootbroek is een natuurpareltje. Een houten kluppelpad slingert keurig aangelegd door het ganse natuurreservaat. Bovenin een vogelobservatiehut heb je een geweldige kijk op de omringende plassen. Vele trekvogels vinden er een rustplaats op hun doortocht.
Ook hier is het dus een paradijs voor vogelspotters. Het zijn rare vogels en ze doen hun naam van 'rarevogel' alle eer aan. Boven in die vogelhut zat er zo een exemplaar. Gewapend met een verrekijker tuurde hij de horizon af. Een goeiedag kon er met veel moeite af. Iets verder op het kluppelpad kwamen we nog 2 andere specimen tegen. Voorzien van statieven en fototoestellen kruisten ze ons pad. Volgens mij hadden ze zojuist een ei gelegd dat iets te groot moet geweest zijn voor hun fysionomie. Zure smoelen dat die sjarels hadden, hun blik afwijkend om toch maar geen goeiedag te moeten zeggen. Het gemurmel dat uit hun snavel kwam in het voorbijlopen was even veelzeggend als onverstaanbaar. Bah !!! Ik zou het niet vermelden moest ik al niet eerdere kennismakingen met vogelspotters ervaren hebben. Maar ik erken ook wel dat ik met te veralgemenen fout zit. Er zullen er beslist ook wel kleurrijk gevederden tussen zitten.
Den Hugo zijn Rometocht kwam onderweg weer uitvoerig aan bod. Mond tot mondinformatie is van onschatbare waarde wanneer je zelf zo een tocht op stapel hebt staan. Boeiend relaas dat je zo zou laten besluiten om je rugzak in te laden en te vertrekken. Nog veel geduld zal ik me moeten getroosten eer het zover is.
Verder zijn we dan het Rodebos doorgetrokken richting Ottenburg. Afslag genomen aan het Onderbos waar we even een rusthalte hielden aan een picknicktafeltje. 't Is al bos wat daar in de omgeving de klok slaat. Prachtig en je begint al zo stilletjes te zien dat de herfst met haar openingsspeech begonnen is. De bladeren beginnen te verkleuren, de paadjes liggen al bezaaid met eikels, het zonlicht wordt zwakker en tovert met pasteltinten, dauwnevels sluieren her en daar de bodem, het parfum van een houtvuurtje, de ingrediënten zijn er. En het blijft een schitterend schouwspel om te zien hoe de natuur haar outfit verandert.
De laatste kilometertjes werden meer in de bewoonde wereld afgelegd. Verharde wegen. Al vlug kwam de kerktoren van Huldenberg in zicht.  De Onze Lieve Vrouwekerk, gebouwd volgens gotische stijl, is een driebeukige kerk in witte zandsteen. Ze dateert uit de 13de eeuw. In de gevel van het zuidelijke zijkoor bevindt zich één van de oudste en mooiste zonnewijzers uit de streek. Deze dateert uit 1764 en is zichtbaar vanaf het plein. Het loonde even de moeite om de trappen op te lopen tot aan het kerkportiek om die wijzer eens van dichtbij te bestuderen. Ook het kerkhof had iets tijdloos. Afgaande op de ouderdom van de omliggende grafzerken moet het kerkhof nog steeds in gebruik zijn. Daar boven aan die trappen had je een mooi uitzicht op het heuvelende landschap. Het was ondertussen al vroeg op de avond. Het opschrift aan de zonnewijzer liet er ons aan herinneren en liet verder niets aan onduidelijkheid over : De tijd vliegt ! Eens te meer liep dit tochtje weeral naar haar einde. Met nog een kort bezoekje aan een cafeetje zat de wandeling er op. Het terraske van 'Het Gouvernement' bood daarvoor de gelegenheid en bij een fris Palmke en een Orvalleke konden we de druivenstreekwandeling in stijl afsluiten. Het smaakte voortreffelijk na dit mooi trippeke. Veel druiven hebben we niet meer gezien. Een pruimenboom of een appelboom hier of ginds, dat wel maar dat gaf er niet om. Een tof wandelingetje is het geworden. Daar komen er ongetwijfeld nog meer van !!! 
 

Created with flickr slideshow.

woensdag 14 september 2016

Langs de oevers van de Zenne.

De spoeling wordt dunner met het uitzoeken van een tof wandelpad in ons pajottenlandje wanneer je al zovele wandelingen op je palmares hebt staan. Vele factoren spelen immers een rol bij de keuze. Een wandeling in het zoniënwoud is zalig maar je moet het lawaai van de omringende autowegen er bijnemen. Om ergens te geraken zonder eindeloos in de files te staan en dan maar voor de trein kiezen opteren heeft ook haar beperkingen. Stations zijn er wel maar doorgaans liggen die op verkeersassen waar industrie of stedelijk gebied de keuzes beperken. Bossen en natuurparken zijn er in overvloed maar de verkavelingskoortst in ons landje heeft reeds haar tol geëist en bijgevolg vinden we deze oases van rust maar her en der kleinschalig verspreid tussen industrie, autostrades en steden. Het zijn karige spotjes in het lappendeken van ons dichtbevolkt landje. Maar goed, met wat fantazie vind je hier en daar toch nog een stukje dat de moeite loont om zich te laten verkennen. Voor deze week stonden de Makkegemse bossen op het programma, een bosrijk gebied in de omgeving van Merelbeke ten zuiden van de keizerstede Gent. Nadeel in deze keuze was wel het gebrek aan etablissementen waar lavenis te vinden viel bij het voorspelde tropische weer. Afstrepen dus en uitkijken naar een andere bestemming. Een tiental kilometer ten zuiden van Mechelen viel er nog ietsje uit de bus. Een luske van een kleine 20km te starten in Weerde, Vlaams Brabant en zo over de provinciegrens met Antwerpen naar Hombeek.



De Marc en de Ronny met de Catsjoe zouden tot in Weerde sporen, den Hugo heeft me met zijnen auto thuis opgepikt en van hieruit zijn we ook richting Weerde vertrokken. Daar zouden we elkaar ontmoeten.
De Ronny en de Marc zaten al aan een picknicktafeltje van een cafeetje vlak over de statie van Weerde. Het was nog niet open. De moeder van de uitbater was nog aan het opkuisen maar maakte geen bezwaar dat we er plaatsnamen. Aan de Catsjoe werd er al een kommeke water gepresenteerd. 

Ik had er eerst geen erg in maar blijkbaar hadden mijn stapmaten iets voor me in petto. De Ronny haalde een kado te voorschijn en den Hugo een fles echte champagne. Tja, het begon te dagen .... de Marc, Hugo, Angelo, de Ronny en de Catsjoe hadden een kado voor mijn pasgeboren kleinzoontje Stafke meegebracht. Helemaal in lijn met onze gezamenlijke voorliefde voor het stapwerk en uitermate origineel hadden ze voor hem een heuse backpack in mini-uitvoering gekozen. Stafke kan al mee op stap zie ! Magnifiek en nog een mooie cent erbij voor het kereltje zijn spaarpotteke. Een fijne geste van de stapvrienden. Met de sjampieter van den Hugo werd het moment beklonken en ik had nog een fleske meegebracht om aansluitend op onze heilsdronk deze ook nog soldaat te maken. We hadden nog geen meter gestapt.

Hop, de lege flessen mochten we aan de kant zetten van de vrouw des huizes en weg waren we. Het was al behoorlijk warm en het was nog maar amper 10 uur in de morgend. De Weerdse visvijver lag op amper een halfuurtje stappen van het station. Het zou een idyllisch plekje kunnen zijn maar hoe het mogelijk is, ik kan er niet bij. Mooie tafeltjes en bankjes aan de oeverkant werden ontsierd door hopen afval dat achtergelaten werd door passanten. Dat respectloze voor de weinige mooie stukjes natuur die ons nog resten ontgaat me helemaal. Peuken, plastic zakken, petflessen, verbrande houtskool, papier en allerhande andere rommel lagen daar achteloos weggeworpen in de natuur. Zware boetes hiervoor zouden op mijn begrip kunnen rekenen. Maar ja, het mensdom hé ? Het dierenrijk daarentegen, wel de Catsjoe liet het zich niet ongelegen vallen en opteerde voor een frisse plons in het water.

De loop van de Zenne volgen tot in Hombeek was het volgende puntje op onze agenda. De Zenne, een rivier met een stinkende geschiedenis. In haar stroomgebied wonen anderhalf miljoen mensen en in de verstedelijkte gebieden van Zinnik, Halle, Brussel en Mechelen krijgt de rivier zowel industrieel als huishoudelijk afvalwater te slikken. Ze wordt dan ook aansprakelijk gesteld voor de grootste inbreng aan vervuiling van de Schelde. De rivier die over een groot deel van haar loop gekanaliseerd en onbevaarbaar is, stroomt door de drie Belgische gewesten die elk een verschillend beleid voeren op het vlak van waterzuivering.

Het water van de Zenne is ooit dermate vervuild geweest dat het wateroppervlak brandde : Begin jaren 90 vatte de Zenne tussen Brussel en Vilvoorde vlam en er was een interventie van de brandweer nodig om ze te blussen.  Sindsdien is er hard gewerkt aan het bouwen van verschillende zuiveringsinstallaties om van de Zenne, die voorbij Brussel tot voor enkele jaren een open riool was, opnieuw een leefbare waterloop te maken. In 2000 is het zuiveringsstation Brussel-Zuid in gebruik genomen. Het huishoudelijk afvalwater van de stad, dat anderhalve eeuw lang ongezuiverd in de rivier geloosd werd, wordt sedert maart 2007 behandeld in de nieuwe installatie Brussel-Noord nabij de Budabrug.

De kwaliteit van het rivierwater is dankzij de ingebruikname van de waterzuiveringsinstallaties duidelijk verbeterd, in die mate dat eind augustus 2007 voor het eerst in zeventig jaar weer vis in de Zenne werd waargenomen. Het ging om driedoornige stekelbaars, blauwbandgrondel en riviergrondel in Drogenbos en Lembeek (beide stroomopwaarts van Brussel gelegen) en paling te Leest (stroomafwaarts van Brussel). Inderdaad, op de grauwe verkankerde dode oevers van weleer treft men opnieuw een groene vegetatie aan en het water heeft petroleumkleurtje meer. Het gaat met de Zenne de betere kant uit nu.


Lachend en grappend hebben we voortgestapt. De Marc, onze Dodoens après la lettre, zorgde voor een inkijk in het vlinderrijk. Het dagpauwoogje, koolwitje, het kleine vosje ... er fladderden er vele van rond. Ondertussen scheen het zonneke ongenadig op ons bolleke. Warm, het was puffen. Een vergelijk met de hitte in de Extramadura op de Via de la Plata in Spanje is niet te maken. Daar was het nog 10 graden heter maar de geringere vochtigheidsgraad zorgde ervoor dat het plakkerige gevoel op je lijf achterwege bleef. In deze contreien verdampt je zweet amper en dat maakt dat je dampt zoals een natiepaard waardoor je meer last ondervindt van de hoge temperatuur. Toch is het zalig stappen met zo een strakblauwe hemel boven je kop.

Aan de Eglegemvijver, een kunstmatige waterplas tgv de zandwinning bij de aanleg van de E19 zouden we een picknicktafeltje treffen. Helaas, het stond in de vlakke zon. Dan maar doorstappen tot aan de sportvelden van Hombeek. Daar zou beslist nog wel hier of daar een bankje aan te treffen vallen. De voorspelling klopte en bij het ontkurken van een nieuwe fles bubbels werden de bokes en het gerookte varkensoor voor de Catsjoe naar binnen gespeeld. We zaten niet ver van de dorpskern af en een cafeetje kon eventueel ingelast worden in het parcours. Zo gedacht, zo gedaan. Alle cafés waren gesloten maar een eethuizeke bood soelaas. Volgens de lokale kalandizie kon je er de beste mosselen van het land verkrijgen. Daar was het nu ietske te warm voor zodat een fris pintje de voorkeur kreeg. De uitbater, een Bengaal begot, zorgde voor de goudblonde versnapering. Een tweede volgde nog en dan werd het tijd om op te krassen.

Langs verharde wegen en weidepaadjes ging het richting eindpunt, de statie van Weerde. Echt dorstig weer was het. De Catsjoe struikelde bijna over haar tong ocharme. Ik wist niet dat een hond zo een lange tong kon hebben. Nog een stop onderweg aan de rand van Weerde voor een glazen boterhammeke en een bakje water voor het beestje was onvermijdelijk. We zaten nog op 1800 meter van de finish. Aangekomen aan ''De Rut'', het statiecafeeke van eerder op de dag, bleek de moeder van de uitbater nu de zaak te runnen. Die luierik zat op zijn krent. Waar moeders goed voor zijn !!!

Het zat er op. Het werd eens te meer een fijne dag met veel gebabbel. Zo bracht de Ronny ons zijn plannen ten berde waarmee hij Kreta van noord naar zuid zoekt te doorkruisen. Te voet wordt dat volgens mij meer een regelrechte survivaltocht. Nergens slaapplaats of bevoorradingsmogelijkheden, good luck Ronny ! Nu zaterdag is hij pleite. Den Hugo dan weer bezorgde me nog onschatbare informatie over zijn Romereis. M'n toekomstige onderneming dienaangaande krijgt daarbij weeral zoveel meer slaagkans. Ik laat het hierbij.

God has blessed this day once more.  
    
  

Created with flickr slideshow.