Pagina's

donderdag 28 december 2017

Op de grens van Antwerpen en Vlaams Brabant.


Nog een laatste wandelingetje met enkelen van de stapmaten moest er dit jaar in extremis nog bijkunnen. De Marc en den Hugo tekenden alvast met present in de aanwezigheidslijst. De Ronny sukkelt een beetje met een kwetsuur aan de kuiten en onzen Angelo een beetje met een nijpend tekort aan verlofdagen.  

De geplogendheden rond Kerst en Nieuwjaar zorgen elk jaar toch wel weer voor een overhoop aan geloop en begankenis waar je onbewust mee in opgaat. Niet dat het echt stoort, het zijn best wel gezellige dagen, maar ik denk niet de enige te zijn die content zal zijn als dit weeral achter de rug is. Niettemin is een wandelingetje tussen Kerst en Nieuwjaar toch nog mooi meegenomen. Even het hoofd wat luchten en de benen wat strekken is heilzaam voor lijf en leden. Op de agenda stond een keurig lusje langs de randen van Hever, Rijmenam, Bonheiden en over Muizen dan terug naar Hever. Een regio die me ooit iets minder aansprak aangezien ze aansluit aan het Mechels Broek. Ik herinnerde me dat bij een eerder bezoek heel dat Broek me maar een verwaarloosde indruk opleverde. Maar ik heb het er toch maar op gewaagd en het viel ontzettend goed mee. 




Om halfelf stapten we af in Hever Station. Rondom dit stationneke stond er weinig bebouwing en al vlug zaten we volop in de natuur. 't Is te zeggen aan de oevers van de Dijle.  Heel rustig kabbelende rivier, geen beroepsvaart, naar vis duikelende aalscholvers, ook geen mens in 't rond te bespeuren laat staan de vlammende pedelecs en mountainbikes op het jaagpad. En zo ging het een 2-tal kilometertjes verder tot aan het Pikhakendonk wandelpad dat terug richting spoorweg liep door een bos zonder naam. Ik vermoed dat dit het Donkbos moet geweest zijn. Bordjes spreken dan weer van de pimpernelgraslanden. Het pimpernelblauwtje, een vlinder, legt alleen haar eitjes op de grote pimpernel. De rupsen vreten deze bloemen op en worden dan door mieren naar hun nest gesleept waar ze een zoete vloeistof afscheiden. Snoep voor de mieren. Een knap voorbeeldje van mutualisme. Verder veel glibberige wegen in een drassig gebied dat kriskras doorkruist wordt met grachten en beken. Ook een ideale biotoop voor de waterdraak (kamsalamander) die enkel overleeft in visvrije poelen. Van hieruit ging het terug naar de Dijle. Blijkbaar wordt deze rivier erg naar waarde geschat door haar oeverbewoners. Haar wordt lof bezongen in levensgrote muurgedichten langs de oever. We zaten begot al in Rijmenam ! 

De Marc had rijstvlaaikes bij en Glühwein. Op een bankske aan de Dijle-oever werd die kerstwijn vakkundig opgewarmd met zijn brandertje. Als aperitiefje smaakt dat wel bij een fris weertje. Knap initiatief van onze Marc.

Boeh, wat merk je toch een streekgebonden verschil aan vriendelijkheid onder de mensen aan. Waar ook ten lande op een bankje neergezeten wensen we voorbijgangers steevast een goeidag. Zo verging het ook op dit bankje in het Mechelse. Tot onze verbazing liep zowat iedereen in zichzelf gekeerd doende alsof het hen een bovennatuurlijke inspanning zou kosten om zelfs maar even terug te knikken. Toch merkwaardig en tegelijkertijd zo zielig ! Het kost je immers niks.  Maar ik had het kunnen weten ! Mijn beroepsloopbaan ben ik in het Mechelse begonnen en toen viel het me al op dat er zoveel stuurse mensen rondliepen. Niet gekend, niet bemind was toen al mijn indruk. Uitzonderingen niet te na gesproken want fijne collega's liepen daar ook rond !

De boterhammetjes kregen ook hun bestemming op dat bankje en weldra konden we verder stappen richting Bonheiden dwars door het natuurgebied Mispeldonk. Een ruig en met grachten dooraderd natuurgebied dat begraasd wordt door Galloway runderen. Er staan er honderden mooi verspreid over verschillende percelen en zorgen al grazend voor het herstel van de natuurlijke vegetatie. Deze taaie  beesten, afkomstig uit de Schotse Highlands, gedijen in gure weersomstandigheden en zijn niet zo kieskeurig als onze koeien. Ze trimmen keurig de weilanden. Het volgen van de Boeimeerbeek in het Mispeldonk leverde een prachtig stukje wandeling op. Deze beek kreeg haar natuurlijke loop weer omdat ingrepen aan haar loop beperkt bleven. Nu schuurt ze weer de bochten uit waardoor zandbanken en steile oeverwanden ontstaan en bijgevolg het oorspronkelijke beekprofiel hersteld wordt. Het is er een ideale biotoop voor het ijsvogeltje. 


De Marc kreeg er zowaar een stapmaat bij aan deze beek. Geen ijsvogeltje maar een heus kieken dat mooi naast hem meeliep. Moest het nu een Mechelse koekoek geweest zijn, dan had die misschien wel eens kunnen verhuisd hebben van de beek naar een feestelijk telloorke op oudejaarsavond. 

In de rand van Bonheiden liepen we een 3 tal kilometertjes over verharde weg richting het Mechels broek. Niet erg, er was nauwelijks verkeer. In de verte tekenden de contouren van Mechelens' Sint Romboutskathedraal zich al grauw en grijs af aan de skyline. Het deed me er opeens aan denken dat ik er binnen enkele maanden weer passeer voor onze gezamenlijke pelgrimszegen.  

Ik, de Ronny en den Hugo. Els gaat misschien ook mee. Zij gaat de La Plata fietsen. Den Hugo die eerst zinnens was vanaf half mei La Voie du Piémont Pyrénées te stappen breit er in de gauwte nog een stukje van 800 km bij. De Camino Frances was hem te verleidelijk om het Pyreneënavontuur in St. Jean Pied de Port al te beëindigen. De Ronny stapt de La Plata en ik de Portuguèse ... 4 Sint Jacobsschelpen vallen er binnenkort weer te oogsten !

Ik had ook nog een fleske glühwein bij. Ik was het bijna vergeten. Even op de klok gekeken of het nog de moeite loonde dit te kraken vooraleer het vallen van de avond ons zou verrassen. Geen probleem zo bleek, dat liep nog heel zoetekes binnen. Net zoals het verloop van ons wandelingetje. Rustig en bedaard stapplezier. Veel stille momenten tijdens het tripje wat enigszins te verklaren viel vanwege de Ronny zijn afwezigheid. Die zorgt wel steeds voor wat animo tijdens het stappen. Het parcours leende zich vandaag niet tot een pintstop en het is toch daar waar de plezantste verhalen hun beslag krijgen. Een vrij keurige dag dus zonder een kroegbezoekje en daarbijhorende tripeltjes. De Horeca heeft aan ons niets verdiend deze keer. 

Eens het Mechels Broek voorbij waren we nog maar een boogscheut verwijderd van Hever Station. Nog even langs Muizen en we konden weeral naar huis na een zeer mooie trip. Zelfs het weer werd een onverwacht kado. Met amper 6 uur zonneschijn voor de ganse maand december tot nu toe opgemeten in Ukkel, werden we getrakteerd op een stralende dag. En nu vooruit dan maar, het jaareinde tegemoet.

Aan alle blogbezoekers en hun dierbaren wens ik een fijne jaarwisseling. 

Ik geef al meteen de aanzet met wat doedelzakgeblaas !  🎶🎵🎶




Auld Lang Syne.  (Robert Burns 1788)

Should auld acquaintance be forgot,
and never brought to mind ?
Should auld acquaintance be forgot,
and auld lang syne ?

For auld lang syne, my jo,
for auld lang syne,
we’lltak' a cup o’ kindness yet,
for auld lang syne.

And surely ye’ll be your pint-stoup!
and surely I’ll be mine!
And we’ll tak' a cup o’ kindness yet,
for auld lang syne.

We twa hae run about the braes,
and pou’d the gowans fine;
But we’ve wander’d mony a weary fit,
sin' auld lang syne.


14375 Created with flickr slideshow.

zondag 24 december 2017

2017 ...... 2018


Vrolijk kerstfeest voor iedereen
En moge het nieuwe jaar
jullie al het succes en geluk brengen dat je verdient ! 
Met lieve mensen om je heen.
Mensen die van je houden om wie je bent.
Mensen in wie je een stukje van jezelf herkent.
Laat merken dat je om hen geeft.
Dat je samen met hen iets moois kunt beleven. 
Dan wordt het leven pas een feest.
Veel geluk, liefde en een goede gezondheid voor 2018 !

                                                                                                      Jan, Ronny, Hugo, Michel, Marc en de Catsjoe



donderdag 14 december 2017

Op bezoek bij Tijl Uilenspiegel in Damme

Wel wel wel, de Catsjoe in het wapenschild van Damme ! Onderaan de kiekjes vind je een uitleg als het je moest interesseren. 

Een tijdje terug is de Ronny eventjes bij me thuis binnengewipt om zijn etappes van de Camino de la Plata op GPS te kunnen zetten. In maart zoekt hij er al aan te beginnen. 't Zal er rap zijn. Terloops liet hij zich ontvallen dat hij graag nog eens Brugge zou aanlopen. Wel, ik heb dat onthouden en deze terloopse vermelding zou een prima bestemming voor vandaag opleveren. Bleek naderhand dat hij in 't weekend al naar Brugge was geweest met Lieve, zijn wederhelft. Het weze gezegd dat het een culinair tripke betrof. Een platte lus in achtvorm zodat ten allen tijde kon ingekort worden moest het trajectje vanwege de weersomstandigheden iets te grellig worden. Brugge - Damme - Brugge goed voor een 20-tal bornes met afstanden gelijkmatig verdeeld over stedelijk en plattelandsgebied. We konden er aan beginnen. Met maar 1 overstap voor de Ronny en den Hugo zou de treinrit niet al te veel tijd in beslag nemen. 
Met de rechtstreekse trein vanuit Antwerpen naar Oostende waar de Ronny in Berchem opsprong, ik in Beveren en den Hugo in Temse, stapten we om 10u30 af in Bruhhe die Scone. De enige stad in België volgens mij die van haar middeleeuws stadscentrum de toeristische troef bij uitstek heeft gemaakt en haar reputatie van het Venetië van het Noorden te zijn dan ook ten volle uitbaat. Een beetje informatie over deze stad heb ik al eens neergeschreven in deze blog : Wandelblog Beernem - Brugge

  

Vanaf het midden van de 11e eeuw verzandde de waddenzee voor Brugge geleidelijk, maar in de eerste helft van de 12e eeuw kreeg Brugge nogmaals een directe verbinding met de Noordzee.  Overstromingen hadden een diepe en brede geul achtergelaten, het Zwin. Aan het Zwin ontstond de haven van Letterswerve. Op het einde van de vaargeul werd later ter beveiliging van het hinterland door Filips van de Elzas een dwarsdam gebouwd in het jaar 1168. Achter de dam ontstond een nieuwe haven, Damme in 1180. Damme behoort hiermee tot de reeks van de havensteden die door de Vlaamse graven Diederik van de Elzas en Filips van de Elzas ter bevordering van het economische leven langs de Noordzeekust gesticht werden. In plaats van getijdevaart konden de grotere schepen, vooral de kogge, nu tot dicht bij Brugge varen. Met hun cargo over te laden in Damme op binnenschepen was Brugge nog steeds bereikbaar.

Zo we waren dus gestart de neus in de richting van Damme. Eerst langs het minnewater want de Catsjoe moest dringend een plaske doen. Verder zijn we dan langs kanaaltjes, beter gekend als de Brugse reien, richting stadcentrum gewandeld. Geen natuurwandeling voor het ogenblik maar wel ééntje door de pittoreske straatjes van onze Westvlaamse hoofdstad. Op dit uur van de dag waren er nagenoeg geen toeristen te vinden en dat deed wel wat vreemd aan. Gewoonlijk, en zeker in de zomermaanden, lopen ze in horden door de smalle straatjes. Het zorgde voor een heel ander straatbeeld. De blik op de oeroude huisjes met de trapgeveltjes werd niet verstoord door de stroom aan toeristen die er langs laveren. Hetzelfde gold voor de gasthuizen, de begijnhoven, de beluiken, het belfort en de ontelbare historische gebouwen. Na een kilometertje of 4 zaten we al aan het kanaal Gent - Brugge - Oostende. Om ons bij wijze van spreken wat moed in te drinken om dit kanaal over te steken zijn we in een haastje een gezellig kroegje binnengewipt. Brugge bezoeken en op tijd geen Straffe Hendrik achterover kieperen kan als een doodzonde worden beschouwd. 

Goed, na de oversteek diende er een tijdje de Damse Vaart gevolgd te worden tot in Koolkerke. Daar ligt nog de deels gerestaureerde aarden omwalling van het Fort van Beieren. Het fort werd in 1705 aangelegd in het kader van de Spaanse successieoorlog. Het is nu een natuurgebied. Een welgekomen afwisseling na al die verharde gaanpaden. Rond halftwee  zaten we in Damme. Het eerste het beste café maakte geen bezwaar dat we onze bokes daar zouden opeten. Sympathieke uitbaatster ! 

4 hijsende drinkebroers in volle actie een tafeltje verder waren enigszins verbaasd dat mannen van 'Antwerpen' in hun kroeg aanmeerden. Hoow, mo vent toch ! Wor gun widder da schrivve ? Doorgaans worden mensen uit Antwerpen door Westvlamingen met de nodige scepsis bejegend. We zouden allemaal naast onze schoenen lopen van pretentie. Dat was hier niet het geval want we werden uitbundig begroet. De focus, eerst gericht op de schuimkraag van hun glazen boterham, verschoof naar de Catsjoe. Catsjoe was meteen weer onderwerp van conversatie. 't Is een heel braaf beest en dat zorgt meteen voor een babbeltje. De decibels gingen langsom meer de hoogte in. Westvlamingen kunnen moeilijk stil klappen. Bijzondere aandacht ging er uit naar wat er tussen de Ronny zijn 'stutten' lag. Daar hoorde een verklaring bij. Begin daar maar eens aan in 't Westvlaams. Een woordenboekje Westvlaams - AN kan hier handig zijn. Kubusken en karoten, sjecons en pennepisse, zeem, angzjoens en prette ... ik ben benieuwd met wat je buiten komt als je hier thuis in de eerste de beste winkel daar naar vraagt. Het was een gezellig gezelschap. Ene dezer drinkebroers was ooit in een Antwerps café geweest. En of we het niet kenden ?  Het café was gelegen naast een kledingswinkel en je moest binnenkomen via een gordijn. Ik meende nog café ' 't Floeren Gaatje' in zijn schaarse beschrijving te herkennen maar dat kon ik onmogelijk naar het Westvlaams vertaald krijgen. Eén kerel uit het gezelschap had familierelaties in Temse en polste bij den Hugo of er bij hem geen belletje rinkelde bij het vernoemen van de naam. Ja toch wel en den Hugo bezorgde hem weerwoord. Ik kreeg toch de indruk dat de Hugo moeite deed om zijn woorden te wikken en te wegen. Blijkbaar was de reputatie van die relaties niet voor uitvoerige publicatie geschikt.
Goed, we moesten verder. 

Damme is een heel klein dorpje dat hoofdzakelijk draait op de horeca. Aan stijlvolle restaurants is er geen gebrek. Ook de verhalen rond de folkloristische figuur van Tijl Uilenspiegel heeft het dorp een eigen cachet gegeven waardoor het veel toeristen aantrekt.  

Even een tussendoortje : "Te Damme, in Vlaanderen, toen de meimaand de bloesems aan de hagedoorns opende, werd Uilenspiegel, de zoon van Klaas geboren". Zo vangt Charles De Coster in 1867 zijn meesterlijke legende aan in de roman 'La Légende d’Ulenspiegel'. Onder zijn pen wordt Uilenspiegel het symbool van de Vlaamse volksziel. Samen met Nele en Lamme Goedzak zwerft de ontembare geus en fratsenmaker doorheen Vlaamse velden en beemden.

De oorspronkelijke Uilenspiegel, Dil Ulenspiegel, ontstond omstreeks 1500 in het brein van de Nederduitse stadsschrijver Hermann Bote. Deze Ulenspiegel is echter een brutale schurk, die de regels van de opkomende burgerij opzettelijk met de voeten treedt en de wereld op zijn kop zet. Met deze figuur wou Bote een waarschuwende spiegel voorhouden : Neem aan Tijl Uilenspiegel geen voorbeeld ! Zijn werk raakt vanuit Straatsburg via Antwerpen verspreid over heel Europa. Het werk kent een geweldig succes en wordt vrijwel ononderbroken herdrukt. De scherpe kantjes van de duivelse schalk worden afgevlakt tot de schelmenstreken van een guitige grappenmaker. Tijl wordt geschetst als de rebellerende opposant van de fanatieke Spaanse koning Filips II en hij duikt op in de frontlinie van de Nederlandse opstand. Hij wordt zowel een kritische individualist als een strijdend proletariër. Een ware verzetsheld. In kinder- en jeugdverhalen blijft hij boeien. Als hoofdpersonage wordt hij opgevoerd in stripverhalen en in films vereerd als held. Ontelbare theaterstukken, musicals, oratoria en liederen hebben Tijl Uilenspiegel in de spotlights gezet. Telkens hij verschijnt, gebeurt er iets. Hij zet de boel op stelten, draait de wereld op haar kop en toont ons in zijn spiegel ons ware doen en laten.

Voilà, genoeg over den Uilenspiegel. Voor de terugweg vanuit Damme naar Brugge zouden we niet langs de Damse vaart stappen maar een goeie 6 km door het veld. We hadden al genoeg verhard gezien. We hebben moeten passen. De paadjes door de velden waren niet begaanbaar vanwege overstroomd. Een beetje jammer dat we terug langs die vaart moesten terugkeren. Weliswaar aan de overkant maar het blijft ééntonig. Gelukkig hadden we er weer een topdag kwa weer uitgekozen. Bij wijlen stralende zon, beetje fris en een stevig briesje af en toe en maar eerst in de avond, we waren al terug in Brugge beland, vielen er eventjes enkele miserabele druppeltjes regen naar beneden. 
Wat voor de Straffe Hendrik geldt als reden tot consumatie geldt eveneens voor de Brugse Zot. Nog vlug eentje gaan proeven vooraleer we terug naar huis zouden sporen. In Brugge zijn er heel weinig cafeetjes. We moesten er bijna tot aan de statie voor lopen. Restaurants daarentegen zijn er in overvloed. Ik denk dat dit meer een kwestie is van het beperken van de uitbatingsvergunningen. Hoe minder cafés, hoe minder de kans op openbare rustverstoring door dronkemannen. Het toerisme zou daar teveel nadeel van ondervinden. 't Is maar een vermoeden van me.  
Tijd om naar huis te gaan. Het was een speciaal dagje vandaag. Weinig natuur, dat wel maar dat zorgt soms ook wel voor wat variatie in de wekelijkse wandelexploten. 



                                                           Deze Zee - Rob de Nijs



14024 Created with flickr slideshow.


Het wapenschild van Damme is keel (rood), een faas (dwarsbalk) van zilver, geladen met een springende hond van sabel (zwart). Je moet het maar weten maar in de heraldiek worden er andere bewoordingen gebruikt voor de kleuren die wij kennen. De vlag en het wapenschild van de stad vinden hun oorsprong in een legende. Damme heette vroeger Hondsdamme, dat eigenlijk van "honte" komt. Honte is een oud woord voor een modderig gebied aan een monding. Aan de verbastering tot "hond" werd achteraf een legende gehangen. De duivel zelf zou in de gedaante van een hond in Damme heel wat schrik aangejaagd hebben bij de bewoners. Na drie dagen vol gehuil ontstond er een storm die een bres in de dijk veroorzaakte. De dijkbouwers joegen op de hond, maakten hem af en stopten de bres dicht met het duivelse dier. De duivel en het oprukkende water waren verslagen, Damme was gered.

maandag 11 december 2017

Een minisneeuwtrippeke in Haasdonk





Kijk eens naar omhoog en kijk de lucht is grijs en zit vol vlokken.
'k Wou dat dit kon blijven duren, dat het nooit meer zou stoppen.
'k Voel me zo gelukkig in de eerste sneeuw.
'k Voel me zo gelukkig in de eerste sneeuw.

                                                                                                                                                                                                Jan De Wilde



Wow, er is vandaag een serieus pak sneeuw uit de lucht gevallen. Dat was weeral enkele jaren geleden dat het Kindeke Jezus zijn beddeke nog eens had uitgeschud. Alles wit bijgevolg en dat zorgt voor het ultieme contrast in de seizoenen.  Het moet gesneeuwd hebben om van een winter te kunnen spreken. Seizoenen moeten herkenbaar zijn. Althans zo oordeel ik erover. Langs de andere kant brengt zo'n weer nu ook weeral niet iedereen in een feeststemming. Daar hoeft geen tekeningetje bij gemaakt te worden. Verkeersellende, valpartijen, schuifpartijen, oude mensen die geïmmobiliseerd raken ... een pak miserie voor velen. Kinderen daarentegen beleven dan weer de tijd van hun leven. Sneeuwbalgevechten, ijsbaantjes maken op de speelplaats, voze oren, blozende kaakskes, tintelende pollen, blauwe lippen ... waar is de tijd heen ? En, tussen haakjes vermeld : Dat allemaal nog in een korte broek ! Maar goed, de kinderen hebben zich zondag dan toch nog eens op een ouderwetse manier kunnen amuseren.

En natuurlijk, je kan dat mooie sneeuwtapijt van achter je venster bewonderen, tenminste als je op het platteland woont, maar met even een wandelingetje in de natuur te maken krijg je iets meer voeling met het seizoen. 
Muts op, bottienen aan en op weg voor een klein toerke en wat kiekjes in het dorp en aan het fort. De voetpaden en paadjes lagen er nog maagdelijk wit bij. Hier en daar zag je in een voortuintje een sneeuwman. Weliswaar reeds in staat van ontbinding want gisteren trad er na de flinke sneeuwval van in de morgen dooi op in de namiddag. Sneeuwvrouwen waren er niet te bespeuren. De emancipatie is hen voorbijgelopen. 

Toch is het wat moeilijk stappen in de sneeuw. Te vergelijken een beetje met stappen in het mulle zand. Sneeuw knispert en kraakt onder je voeten. De sporen van de ribbeltjes onder je schoeisel staan mooi afgelijnd in de witte vacht. Toch zou het mijns inziens overdreven zijn om met langlaufski's of sneeuwschoenen uit te pakken. Laat staan een span met sledehonden. Maar je komt ze soms toch tegen die plattelandschapslanglaufers. 't Heeft eigenlijk geen zicht. 

Plezant wandelen. Af en toe een gure windstoot die een lading sneeuwvlokken in je gezicht blaast. De muts nog wat verder over de oren trekken en vooruit maar want het leven rondom je vertraagt zienderogen. De weinige auto's die je in de verte ziet rijden doen dat stapvoets. Automobilisten hebben nu andere zorgen rond hun oren.  Ik niet, klinkt wat egoïstisch maar het is zo. Even een frisse neus halen en onderweg wat fotootjes trekken van het betoverende landschap. Dat was voor mij aan de dagorde.  Ik hou het kort, ik moet nog met de sneeuwschop aan de gang. Donderdag trekken we er nog eens op uit. De Ronny en den Hugo hebben zich al aangemeld. Ik moet nog een passend toerke zoeken  rekening houdend met een eventuele klimatologische haar in de spreekwoordelijke boter. 

 

13950 Created with flickr slideshow.

zondag 10 december 2017

Een gedichtje tussendoor voor 60 plussers.



Ik ben nog fit van lijf en verstand 

Wel wat artrose in mijn heup en mijn knie. 
Als ik me buk, is het net of ik sterretjes zie.  
Mijn pols is iets te snel, mijn bloeddruk wat te hoog. 
Maar ik ben nog fantastisch goed ... zo op 't oog. 

Met de steunzolen die ik heb gekregen, 
loop ik weer langs 's Heerens wegen, 
Kom ik in de winkels en ook weer op het plein. 
Wat heerlijk zo gezond te mogen zijn. 
Wel gebruik ik een tabletje om in slaap te komen 
en over vroeger te kunnen dromen. 
Mijn geheugen is ook niet meer zoals het was 
en ik ben weer vergeten wat ik gisteren nog las. 
Ook heb ik wat last met mijn ogen 
en mijn rug raakt meer en meer gebogen. 
De adem is wat korter, mijn keel vaak erg droog. 
Maar ik ben nog fantastisch ... zo op 't oog. 

Is het leven niet mooi, het gaat zo snel voorbij, 
als ik kijk naar de foto's, over vroeger van mij. 
Dan denk ik terug aan mijn jeugdige jaren. 
Wilde ik een jas, dan moest ik heel lang sparen. 
Ik ging fietsen en wandelen, overal heen, 
en ik kende geen moeheid, zo het scheen. 
Nu ik ouder word, draag ik vaak blauw, grijs of zwart  
en ik loop heel langzaam, vanwege mijn hart. 
Doe het maar op uw gemak, zei de cardioloog. 
U bent nog fantastisch ... zo op 't oog. 

De ouderdom is goud, ja begrijp me wel. 
Als ik niet kan slapen en dan tot honderd tel. 
Dan twijfel ik, denk ik of dat wel waar is 
en of dat beeld van goud niet een beetje raar is. 
Mijn tanden liggen in een glas, 
mijn bril op tafel, gehoorapparaat in mijn tas 
Mijn steunzolen naast het bed op de stoel. 
U weet dus wat ik met die twijfel bedoel. 
Trek niets in twijfel, zei de pedagoog. 
U bent nog fantastisch goed ... zo op 't oog. 

En 's morgens als ik ben opgestaan 
en eerst de afwas heb gedaan, 
lees ik het laatste nieuws in de krant. 
Ik wil toch bijblijven en naderhand 
 doe ik van alles, eerst geef ik de planten water, 
 de kamer stoffen doe ik later. 
Wel gaat alles wat traag 
en heb na 't eten wat last van mijn maag. 
Maar ik wil niet zeuren, want 't mag, 
dat is heel gewoon op je oude dag.
Aanvaard het rustig zei de psycholoog. 
U bent nog fantastisch goed ... zo op 't oog.

Annie M.G. Schmidt



maandag 4 december 2017

Van Bouwel naar Heist op den Berg


Het is weeral eventjes geleden dat er nog eens gewandeld werd. Huishoudelijke taken vragen bij wijle om prioriteit en dan moeten de leukere dingen even wijken. En dat moest gerecupereerd worden. Ach nee, 'moeten', dat staat al een tijdje niet meer in mijne Larousse maar een beetje die regelmaat onderbreken bezorgt me toch enigszins wat ongemak. Laat me het beter omschrijven met enige onrust. Ik heb dan maar een klodder zalf gesmeerd op dat ongemakje. Met een ferme neep op dat tubeke zalf te geven spoot er een stationstapperke van Bouwel naar Heist op den Berg uit. Een dikke 20 paaltjes, nat gewogen. 

Berchem station was de rendez-vous plaats met de Ronny, Catsjoe en de Marc. De Marc kwam iets na mij toe maar op de Ronny moesten we nog even wachten. Die zijn trein was afgeschaft en zou een halfuurtje later komen. Een mooi excuus om een koffietje te gaan slurpen bij onze Australische barrista waarvan reeds melding gemaakt werd in een eerder bericht. 

Als je moet wachten in een treinstation is reizigers spotten een verstrooiïnggevende bezigheid. Zeker 's morgens wanneer je de mensen hun haast en stress bijna lijfelijk aanvoelt. Stralend lachende gezichten zijn in de minderheid. Zo je ze al aantreft zijn ze doorgaans in groep waarbij je, afgaand op het vertoonde enthousiasme, vermoedt dat er voor hen een snoepreisje werd georganiseerd.  De aanwezige politie in de stationshal maakte hierop geen uitzondering. Met z'n zessen, gewapend tot de tanden met mitrailletten en ander schiettuig, hielden ze een rustig onderonsje. Af en toe botsen er reizigers opeen waarbij er éne de benen van onder zijn gat probeert uit te lopen in de hoop zijn trein nog te halen. De meesten lopen gehaast, daarbij elk contact vermijdend en met de blik op oneindig, hun werkdag binnen. Rare snuiters kom je ook al eens tegen. Deze morgen liep er ineens een kerel het station buiten ... "ik ben het strontmuug" ... 'IK BEN HET STRONTMUUG", keelde hij de wereld in (muug = moe en stront = poep, ter verduidelijking voor onze Nederlandse buren). Daarna begon hij wat te morrelen aan een fiets buiten in het rek. Misschien wel dat zijn eigen zoveelste fiets weeral was gejat en dat hij voor dezelfde modus operandi opteerde daar aan dat fietsenrek. Die mens was duidelijk over zijn toeren en had wat last van stress denk ik. En dan heb je nog de schare addicts die aan hun smartphone-baxter hangen en dankzij een schermpje van 10 bij 6 cm vat op het leven proberen te houden. Met een finger swipe over dat schermpje vagen ze de wereld rondom hen en zichzelf het isolement in. Ben ik weeral aan het zagen ? 

Ja ? Daar kwam de Ronny met zijne Catsjoe aan zie. Nog een koffieke alstublieft voor onze maat ? We konden zo naar Bouwel sporen. Tegen een uur of 10 stapten we uit en konden we onze wandeling in het Neteland beginnen. Onderweg werd er in de trein door de Ronny al een borrel aangeboden. Een Elexir d'Anvers. De drank die aan paarden gegeven wordt als ze last hebben van kolieken. Toverdrank met een uiterst geheime receptuur. Ook zeer aanbevolen bij dames met pijnlijke maandstonden. Hoogstwaarschijnlijk was die borrel bedoeld als opkikker voor het te trotseren koude weer. Maar het was helemaal niet koud, beetje mistig en fris in de morgen, dat wel, maar de ganse dag was het prachtig weer. Hier en daar zelfs een flardje blauw en maar eerst tegen de avond trok de hemel haar grijs pak aan. Geen spatje regen en dat was een meevaller.

22 paaltjes .... het hadden er best wel iets meer mogen zijn maar de korte dagen worden enigszins spelbrekers. Met een kleine 6 km te verlengen zouden we langs het kasteel 'Bouwelhof' en het vakantieverblijf 'Minnekepoes' van Felix Timmermans kunnen wandelen. 'Minnekepoes' één van zijn literaire œuvres werd daar ten velde geschreven. Aansluitend daarop zouden we nog het Cis Drijbooms wandelpad kunnen verkennen maar helaas, het zal voor een andere keer zijn. Deze Cis was een uniek kenner van het landschappelijk, architecturaal en cultureel erfgoed en hij heeft geijverd om een laatste stukje oorspronkelijk heidelandschap te behouden voor de volgende generaties. Deze brave mens is ondertussen al het aardse gepasseerd maar in een merkwaardig testament liet hij een groene erfenis achter : De Kerkeheide. Het is een domein van 8,5 hectare groot dat nu in handen is van Natuurpunt. Zij zal trachten via boomkap de heide te herstellen. 



Voilà, de stap er in. Al vlug laveerden we over mooie landwegels richting bos. Tussendoor de savooien en paardenweiden in met af en toe wat malse grasvelden midden in het bos. De bospaden lagen er vanaf hier wel erg modderig bij zodat een misstapje je sowieso zware slijkbottienen opleverden maar dat deerde geenszins op zulk een prachtige wandeling. Onze positie situeerde zich al tussen Echelpoel en Langenheuvel. Ik moet toegeven, het is een prachtig bosgebied en bij een aperitiefhapje annex glazeke wijn konden we dat eens rustig overschouwen. De Marc had voor deze gelegenheid speciaal een lekkere speculaas gebakken. Mooie bruintinten in de natuur vielen er te spotten. Zeker de varens waren in een warme roestbruine herfstkleur getooid. Bij de Kruiskensberg aangekomen was het schafttijd. Een boshut "Heiderust" gedoopt leverde hiervoor de nodige accomodatie. Een electrische fietstoerist had er al plaatsgevat en bladerde er in zijn gazetje. Hij was vrijgezel en op maandag bezocht hij steeds deze stek. Vlotte kerel die zich over van alles en nog wat verbaasde. Ook dat hij tijdig zijn fietsbatterij moest opladen want regelmatig overschatte hij de actieradius van zijn vehikel.

De hut stond open wat me enigszins verwonderde want er stond toch het één en 't ander binnen dat er zo uit gejat kon worden. Een mooie nieuwe houtstoof bvb. Eventjes 3 stoelen en een tafeltje die hut buitensjouwd en we waren gesteld. We konden schoven. Lang hebben we er niet gezeten want er stonden nog 13km in de wachtrij. Nog wat verder stappen bijgevolg. Niet veel echter want boscafé 't Schipke had iets te veel aantrekkingskracht. Dat etablissement lag pal aan de Grote Nete. Enkele smakelijke Nethetrippels daar netjes geconsumeerd. De batterijperikelen van onze fietsmaat indachtig was dit enkel een kwestie van niet zonder brandstof te vallen onderweg naar Heist od Berg. 

We stapten verder zuidwaarts de Grote Nete volgend op het halfverharde jaagpad in een oostelijk boogje rond Itegem. De Grote Nete wringt zich hier in ontelbare bochten door het landschap. Verbazend wel dat het vrijwel een maagdelijk landschap is. Geen boerderijen of bebouwing in de weidse omtrek te bespeuren maar wel uitgestrekte weilanden afgewisseld met flinke bospartijen. Een stevige tred werd er in gehouden en tegen 4 uur kwam de toren van de St. Lambertuskerk van Heist op den Berg al in zicht.

Heist op den Berg dankt zijn naam aan de “Heistse Berg”, een getuigenheuvel die centraal in de gemeente ligt. Op de 48 m hoge top ligt het historische centrum van de gemeente met onder andere het oude vredegerecht uit 1867, het gemeentehuis, de Sint-Lambertuskerk uit de 14de eeuw en de pastorie uit 1769. Het is het tweede hoogste natuurlijke punt van de provincie Antwerpen.  Enkel de Beerzelberg in Beerzel is met 51,60 m net ietsje hoger.
Geschriften uit de 17de en 18de eeuw spreken over het "Land ende Vrijheid van Heist". Kenmerkend voor een Vrijheid was dat het autonoom bestuurd werd, over een eigen rechtbank beschikte en privilèges genoot. Maar Heist op den Berg moet als Vrijheid al veel langer bestaan hebben.  Een eerste aanwijzing is het symbool van de gemeente: een zwaan. De Heistse schepenen gebruikten dit beest reeds in 1565 op hun ambtszegel. Aan het zegel van de toenmalige Heer van Heist komt geen zwaan te pas, wat dus wijst op een zekere graad van zelfbeschikking. Wanneer het ingelijfd werd bij de Eerste Franse Republiek in 1795 verloor Heist op den Berg al haar rechten en privileges.

Via Hallaar wandelden we Heist od Berg binnen. Aangekomen in het stadcentrum zou het zonde geweest zijn om niet eens even de berg op te kruipen. Naar boven dus langs een smal trappensteegje. Jammer dat het al donker was want het schijnt dat je daarboven een mooi uitzicht hebt over de streek.  Maar het pleintje daarboven op die berg oogde best ook gezellig. De wandeling liep ten einde want de statie van Heist was vanaf hier niet ver meer. Nog een klein stukje langs de hoofdwinkelstraat viel er te stappen. Deze was al compleet in de kerstsfeer gedompeld. Lichtbogen en kerstbomen smukten al het straatbeeld op. Goed voor de commerce.

Weeral mooi getimed zie. Bij aankomst hoefden we maar enkele minuutjes te wachten en de trein kwam er al aangereden. Pijnlijk momentje voor de Catsjoe ... een dame stapte in het gangpad op het beest haar staart. Een gekajiet dat de hele treinwagon deed opschrikken. Het mens was er duidelijk van aangeslagen. Helemaal van haar melk excuseerde ze zich meermaals. Een halfuurtje later stapte ik en de Ronny af in Berchem. Dag Marc, tot een volgende ! Hij spoorde nog verder tot in het Centraal Station. Een zoveelste fijne trip werd het. Tof gezelschap, mooi weer, lekkere pint onderweg, gezellige klap en dit alles in een prachtig decor. De volle onderscheiding voor deze dag !  Naar een vervolg kunnen we weeral uitzien.


                     Pour A.F.  😘                       S' enfuir et après - Michel Sardou




13608 Created with flickr slideshow.




donderdag 16 november 2017

Herentals, bij de Klokkenververs of Pee Stekers

Voor vandaag werd er nog maar eens op de trein gegokt. Als je van verrassingen houdt tijdens het reizen zit je geheid goed bij onzen IJzeren Weg. Je valt er nogal met regelmaat in de prijzen met stakingen, defecten aan rollend materieel en infrastructuur, spectaculaire vertragingen, afschaffingen en ga zo maar door. Maar we gaan niet de zagevent spelen vandaag. Vanaf de zijlijn is het steeds gemakkelijk om commentaar te geven.  Erg ver wilden we niet sporen aangezien de dagen nu te vlug beginnen korten. Herentals, hoofdstad van onze Kempen, en haar omgeving waren de bestemmingen voor vandaag. Hier worden er uitgebreide mogelijkheden geboden tot natuurrecreatie. Wandelen maakt daar ongetwijfeld het grootste deel van uit en misschien dekt het wel de ganse lading. Wandelsport is helemaal geen kunst als je fysiek nog een beetje weerbaar bent. En een atleet hoef je daar ook al  helemaal niet voor te zijn. Ik zie nog geen Gouden Bottien of een Zilveren Wandelstokje uitreiken aan de één of andere verkozen 'Wandelaar van het Jaar' beladen met indrukwekkende prestaties. Daar hoef je niet aan te twijfelen. 

Herentals heeft haar naam te danken aan de haagbeuk, een plant die je daar veelvuldig in de natuur aantreft. Haagbeuk werd vroeger jaren immers Heers genoemd. Ook op het wapenschild van Herentals tref je de haagbeuk aan. De stad is gelegen ten zuiden van de Kleine Nete en het noorden is vooral een bebost gebied met een rijke fauna en flora. Het is daar in dat noorden dat de lamp brandde of beter gezegd de klok luidde.  Herentalsenaren worden Klokkenververs of ook wel Pee Stekers genoemd. Om in vorige eeuwen de klokken in het Belfort te beschermen tegen roest kwamen enkele pientere notabelen op een ingenieus idee. Ze lieten de klokken overschilderen. Het mooie klokkengebeier van weleer werd hierdoor helemaal vervormd en was niet meer om aan te horen. Hun bijnaam de Pee Stekers is dan weer een ander verhaal dat uit een oudere legende ontsproot. Een poortwachter vond de grendel niet van de stadspoort toen een vijandelijk leger de stad wilde binnenstormen. Een grote pee kon ook tijdelijk dienst doen als grendel totdat hij de grendel had teruggevonden. Zo oordeelde hij althans maar tijdens zijn zoektocht speelde voorbijwandelend vee de wortel ongestoord naar binnen. Ik kan me van m'n wandeling in Ninove een gelijkaardig wapenfeit herinneren. 

Stipte trein vandaag, sjappoo voor de NMBS deze keer. Afgestapt in Herentals-statie rond een uur of halfelf voor een luswandelingetje van een dikke 20 kilometertjes aan de noordwestrand van Herentals. Ik, de Ronny en de Catsjoe. De andere stapmaten waren verhinderd vanwege andere plannen. Schilderen bijvoorbeeld zoals den Angelo. Hij heeft zich nog 4 borstels extra moeten aankopen. Een sjiek trackske dwars door de bossen, langs kanalen en een riviertje lag in het vooruitzicht. Volop in het groen dus. Allez, als je dat nog mag zeggen in het midden van de herfst 😔. 


Maar eerst nog een stukje stad doorwandelen vooraleer dat groen kon geconsumeerd worden. Herentals is een stad met een rijke geschiedenis, vooral een militaire als garnizoensstad van verschillende legers. Zelfs tot voor kort lagen logistieke bataljons van het Britse leger hier gekazerneerd. 

Van 1576 tot 1584 bezetten Staatse troepen de stad. Gezien de evolutie van de artillerie de stenen middeleeuwse muren overbodig maakten, werden er aarden vesten aangelegd die ook nu nog deels bestaan. Om de stad verdedigbaarder te maken werd een deel van de stad afgebroken. Ook het Begijnhof Herentals diende te verhuizen naar de huidige locatie aan de Begijnenvest. Herentals werd een belangrijke garnizoensstad centraal gelegen in de Kempen waardoor het wel leed onder talrijke soldatenwoelingen in de 16de, 17de en 18de eeuw en daardoor economisch achteruit ging. 

Goed, we stapten richting Kleine Nete uit en de Poederleese steenweg voorbij om een eerste bezoekje te brengen aan de Kruisberg. Daar treft men een zeer pittoreske kruisweg aan. Waarschijnlijk de oudste van het land. Een 15de eeuwse minderbroeder die naar Jeruzalem had gepelgrimeerd en zich in 1461 te Herentals vestigde kwam op het idee een Palestijnse kruisweg na te bootsen. Bovenop de berg staat dan de Heilige Kruiskapel (1534). Een prima omweggetje om onze katholiek getinte evocaties van verleden week wat kleur te geven. Enkele jaren geleden waren we hier al eens gepasseerd. Nu zag het kapelletje er vrij vervallen uit. Een deel van het dak was ingestort. 

De Kleine Nete zouden we nog tegenkomen iets verder en ook het Kanaal Bocholt Herentals. Altijd rustgevend zo een stukje jaagpad. In de loop der jaren zijn er heel wat infrastructuurwerken uitgevoerd in de Kempen. Zowel aan de waterwegen als aan het spoor. In 1803 beginnen de eerste veldmetingen van het Grand Canal du Nord die de Schelde, Maas en Rijn moest verbinden. In 1806 kiest men voor het tracé Antwerpen-Venlo-Neuss via Herentals. Het tracé Antwerpen-Herentals liep voorlopig via de rivieren Schelde, Rupel, Nete en Kleine Nete, doch het stuk Rupel-Herentals was quasi onbruikbaar. In 1810 toen de werken voor 2/3 voltooid waren, waaronder het kanaal Herentals-Ten Aard, vroegen de Nederlanders om de werken stil te leggen om hun monopolie op de Rijnhavens te beschermen. Kort na de oprichting van België werden de werken verdergezet. Het Netekanaal tussen de Rupel en Duffel werd in 1839 bevaarbaar, en ook de kanalisering van de Kleine Nete tot aan Herentals werd voltooid in 1839. Het hele tracé zal de Kempische Vaart gaan heten. Herentals werd ook een belangrijk spoorknooppunt. In 1855 werd het tracé Herentals-Turnhout geopend alsook het tracé Lier-Herentals. In 1878 werd het traject van Herentals naar Mol geopend als onderdeel van de IJzeren Rijn, die Antwerpen met Mönchengladbach in Duitsland moest verbinden. Door grote spoor-, steenweg-, en waterinfrastructuur werken werd Herentals een belangrijk knooppunt in het noorden van de nieuwe Belgische staat. Heel wat fabrieken vestigden zich daardoor in de stad, waaronder een ijzergieterij, lakennijverheid, en schoenfabrieken. Vooral in de 2de helft van de 19de eeuw herstelde Herentals zich economisch. 

Tot hier een grabbel met weetjes over Herentals. Inmiddels zaten we al te midden van de Kempische Heuvelrug. Vrij mooie wandelpaadjes kris kras door een bosgebied begroeid met grove en Corsicaanse dennen. Je zit daar in een erg gevarieerde biotoop bestaande uit heidegrond, vennen, open stuifzanden, holle wegen en loofbos. Ondertussen was het zo een beetje te beginnen miezeren en we waren op zoek naar een picknickplaatsje voor het schaft. Een vogelkijkhut aan het Zwarte Water, een uitgestrekt ven, bood de ideale stek aan. De Ronny wees me er op dat er nog volk in die hut zat. Een bel was er niet en voorzichtigskes zijn we naar binnen geschuifeld. Wie weet welke taferelen je er aantreft ? Inderdaad een jong koppeltje was er even aan het schuilen voor de regenbui en tegelijkertijd wat aan het uitrusten van hun wandeling. Het was er dan ook een mooi plekje met wijds uitzicht op het grote ven. Toch nog een leuk babbeltje gehad met dat koppel. Ze gingen vaak wandelen in deze bossen. De wandeling liep verder langs de snepkesvijver richting camping 'De Korte Heide'. Even passeerden we een stel verlaten vakantiewoningen. Het bood een apocalyptische aanblik. De benaming stortplaats waardig. Onbegrijpelijk dat zulk verval door de overheid in Herentals wordt gedoogd. De aanblik hiervan is in ieder geval geen stimulans voor passanten om zorg te dragen voor natuur en milieu. 

Een terrasje doen in november klinkt nogal onnozel maar we konden moeilijk voorbijlopen aan het restaurant annex café van camping De Kleine Heide. De kalandizie van dit etablissement zat binnen knusjes te genieten van een koffieke en een taartje. Die moet ons zot verklaard hebben omdat we op dat terras buiten wilden gaan zitten. Op een terraske onder een afdakje smaakt een tripeltje dubbel zo goed vind ik en er was plaats genoeg. Leeg, geen kat zat er op het terras ! 
Er moest nog een kilometertje of 8 afgestruind worden. Die waren voor het Olens Broek bestemd. Het Olens Broek maakte als natuurgebied langs de Kleine Nete, gelegen tussen de gemeente Olen en de stad Herentals een mooie comeback. Het ganse gebied was bijna volledig verwoest door landbouwontginning waardoor het helemaal verdorde. Een zorgvuldige aanpak van Natuurpunt heeft ervoor gezorgd dat het vandaag opnieuw in volle bloei staat. Het werd volledig in haar oude pracht hersteld. Het bestaat nu uit verschillende deelgebieden die samen één groen/blauw lint vormen langs de Kleine Nete. Samen vormen ze een gevarieerd landschap van ongeveer 185 hectare groot met elzenbroekbossen, hooilanden, rivierduinen en houtwallen. Ook weeral een topgebied om door te wandelen. 
Het begon al te donkeren en ik had verdorie m'n lampje niet bij. Gelukkig had de Ronny het zijne bij want op het smalle paadje langs de Kleine Nete, de laatste kilometers tot aan de statie was het behoorlijk donker. We zijn dus heelhuids aan de statie geraakt. Iets na schema maar dat was eerder te wijten aan het verloren lopen. Op die talloze paadjes moet je goed je kaart of GPS in  't oog houden of je loopt zo de afslagen voorbij. Zeker als je druk met elkaar in gesprek bent heb je het vlug vlaggen. Daarmee werd ons trajectje van een goeie 20km met een slordige 4km verlengd. Ach een paar paaltjes meer, dat maakt geen verschil. Eens te meer werd het een heel schone dag. Gene moment verveeld. 

En vooruit nu maar, ik ga nog een beetje aan mijne Camino Portuguèse knutselen. Beetje de Albergues opzoeken. Daar in Portugal moet ge meestal bij de pompiers gaan aankloppen om slapen te vinden. Dat is nu ook weer geen probleem. Wat heb je aan een superdeluxe bed of een ballroom als slaapkamer wanneer je je ogen dicht hebt en slaapt ? Je ziet immers geen lap ! Maar .... en daardoor begin ik weer vol enthousiasme te plannen ...  ik heb ondertussen heel goed nieuws gekregen van mijne stapmaat op de Zilverroute Al Wimmer uit Portland / Oregon. Na zijn beenbreuk in '15 in Compostela heeft hij er alle vertrouwen in dat hij volgend jaar terug The Way kan gaan verkennen. Ik ben er blij om. Het heeft er een hele tijd naar uitgezien dat hij zijn been zou kwijtspelen. Gelukkig, na een heel lange revalidatie en vele operaties is alles terug in de plooien gevallen. In augustus of september zien we mekaar terug in Lissabon als het Dezeke Vader belieft. We hebben al halvelings afgesproken. We zien er al wreed naar uit ! Holy Guacamole, ik hoor het hem al zeggen. Fantastische gast den Al.


                         The London Hospices Choir & P. Carrack - The Living Years



13197 Created with flickr slideshow.

dinsdag 7 november 2017

Hamme en het Beneden-Scheldegebied

Vandaag trokken we naar Hamme. Op den Angelo na iedereen present voor een wandelingetje aan de Beneden-Scheldeloop waarin de Durme uitmondt. Ik vermoed dat onze maat Angelo het niet meer durft te zeggen dat hij nog altijd aan zijn schilderwerk bezig is. Niet dat daar ooit om gevraagd werd maar een reden om forfait te geven gaf hij deze keer niet op 💤💦. We zullen eens op een zondag een benefietwandeling organiseren in Willebroek en met de opbrengst ervan een schare schilders bekostigen. Of het tv-programma 'Help mijn man is een klusser' eens aanschrijven met een verzoekje kan ook. Met de andere 4 stapmaten een weekje mee een handje gaan toesteken is een andere valabele optie. Dit uiteraard tegen kost, drank en inwoon.  Het valt alleszins te overwegen. Ach, een beetje gekheid op een stokske is goed voor de lachrimpels van onze maat. 
Alhoewel een groot gedeelte op Hams grondgebied zou verlopen was de start gepland in Elversele. Dit lag iets gemakkelijker om zonder te veel omwegen Hamme aan te lopen en tegelijkertijd den Hugo op te pikken in Temse. In Hamme zelf, een in de 7de eeuw ontstaan dorp uit een Frankische nederzetting valt er veel te bezien. De driebeukige classicistische kerk van Sint-Pieters Banden met een 12e-eeuwse westertoren met laatromaanse galmgaten is nog maar een begin. Een Spaans Huis met tuin, de oude Mirabrug, een pastorie genaamd 'De Grote Napoleon'. Verder nog de enige resterende windmolen zonder wieken 'De Groten Dorst', een beschermde Kapel genaamd Tweebruggen, en een authentieke getijden-watermolen aan de Oude Durme. Maar er valt in de omtrek nog zoveel meer bekijks te bewonderen. De moeite is het wel.


In de deelgemeente Moerzeke rust in de Pius X-kapel het stoffelijk overschot van de zaligverklaarde priester Edward Poppe. Op het grondgebied van Hamme zelf ligt ook het Lippenbroek. Dit gebied maakt onderwerp uit van een experimenteel project voor het herstel van een intergetijdengebied in het Schelde-estuarium. Aan de monding van de Durme herinnert een monument ons aan Filip De Pillecyn, de illustere Hamse schrijver. Of er ooit een monument komt te staan voor de hedendaagse schrijver Herman Brusselmans, ook een Hammenaar, valt nog af te wachten. Een Archeologisch Museum met méér dan 5.000 voorwerpen van de prehistorie tot de 17de eeuw tref je daar in Hamme ook al aan. Keuze genoeg dus wanneer je wat volkscultuur wil gaan snuiven. Maar de bedoeling was om hier de wijdse omgeving in te trekken. Er op af dus ! 





Elversele, Hamme, Driegoten Veer, Branst, Mariekerke,  Moerzeke Veer en terug naar af. Dat moest het worden. Alleszins een fermbelegd boke. Het weer zat mee, wel overwegend grijs maar droog, dus op weg.
Aan de Mirabrug autootje gestald. Deze draaibrug over de Durme kreeg haar naam van het vrouwelijke hoofdpersonage uit het plattelandsepos van filmregisseur Fons Rademaekers. De opnamen voor  de Vlaamse film Mira, of 'de  teleurgang van de Waterhoek' werden daar gedraaid. Plattelandsnostalgie met als blauwdruk onze vaderlandse geschiedenis. Het boerenleven van weleer of sociaal drama waren doorgaans de hoofdingrediënten in onze Vlaamse films. Je moet natuurlijk wel van zulk een genre houden maar jarenlang waren dit de enige genres die als representatief golden voor onze Vlaamse filmkunst
Rond 11u liepen we deze beroemde brug over richting Hamme. Langs polderwegeltjes ging het in een wijde boog rond Hamme richting het veer Driegoten. De aanleg van overstromingsgebieden, potpolders en nieuwe dijken maken deel uit van de Sigmawerken en eventjes zag het ernaar uit dat deze werken onze wandelplannen in de war zouden sturen. Zo'n grote bedrijvigheid werd er nu ook niet aan de dag gelegd en bijgevolg maakten de afsluitingen rond de werken geen al te grote indruk en hindernis om op koers te blijven. Kort daarop werd het veer Driegoten - Weert genomen. Een onderdeel van het parcours waar de Catsjoe niet zo happig op is. De veerman kwam er stipt om 12 uur aangereden met z'n veloke. Enkele minuutjes later konden we voortstappen richting Branst, eveneens een gezellig Scheldedorpje. De Ronny heeft er zijn avondsoep kunnen bijeenrapen. Enorme preivelden lagen er juist gerooid bij en de preistengels die van de kar gevallen waren verhuisden naar  zijn rugzak. Niks mis mee, verser kon je niet vinden. 


In Mariekerke zijn we een cafeetje binnengeduikeld. Er bleek een scheepvaartmuseummeke in gehuisvest. Niet verwonderlijk wanneer je weet dat Mariekerke ooit een vermaard vissersdorp is geweest. Gezellige kroeg vol foto's van vissers met die typerende karakterkoppen. In de tuin van de kroeg stond de stuurhut van een spits opgesteld.  Prompt kregen we van een klant, blijkbaar de prins van de visfeestvierderij, een uitnodiging voor de visfeesten in juni volgend jaar. De cafébazin, een dame van een reeds respectabele leeftijd,  speelde sjoelbak met haar man. Er heerste een gemoedelijke sfeer in dat kroegje. Na onzen tweede tripel nam ze de microfoon en begon ze oude visserliedjes te kwelen van achter haar toog. De onderwerpen die in deze liedjes aan bod kwamen waren mijns inziens nu wel niet onmiddelijk voor kinderoortjes bestemd maar niettemin erg amusant. Ondertussen hadden we de cafévloer lelijk begaaid met de opgedroogde modder die aan onze bottienen was blijven plakken. Het deerde haar niet maar ze stelde het zichtbaar op prijs dat we om borstel en vuilblik vroegen om het vervolgens zelf op te vagen. Rare klanten moet ze gedacht hebben. Dat kon ik uit haar oogskes aflezen. Het was een klein moeite om dat even op te lossen. 
Nog wat verder stappen nu langs de scheldeboord tot aan het veer van Mariekerke dat ons naar Moerzeke-Kastel zou brengen. Dat verliep ook vlot. Daarna ging het terug binnendoor naar Hamme uit. Overwegend leverde dit lusje van een 20-tal km'tjes een prachtige wandeling op in een veelzijdig gebied. Poldergrond, dijken, moerassen, taluds, jaagpaden, rietkragen, wielen, een sleper op de stroom, smalle kronkelpaadjes slingerend in de vette poldergrond, wandelwegen voor de zondagsrecreant, pittoreske dorpjes, kortom een hele brede waaier in het natuuraanbod krijg je daar op je bord. Maar het begon al te donkeren ondertussen en bijgevolg liep de wandeling op haar einde. 


Er werd weeral heel wat bijgepraat onderweg. Zelfs de leerstellingen van de kerk passeerden even de revue. Niet dat het religieuze ons zo bezighoudt, het was meer een kwestie van wat er nog te herinneren viel van de 10 geboden en de 7 werken van barmhartigheid. De Ronny riep de hulp in van zijn smartphone om de gaten in zijn geheugen aan te vullen. Een schande feitelijk en dit als recentelijk ingewijde Compostela-pelgrim. De aanwezige kennis viel nog mee. Niet moeilijk als je je herinnert dat dit er vroeger bij wijze van spreken door de pastoors werd ingeklopt. Van m'n 6 jaar al 😠, afgaand op m'n eerste communieboekje. Die zwartrokken verdomme,  uit wel verdomd vaatje lagen die eigenlijk wel te tappen ?   Op een paar overbodige geboden uit die stenen tafelen na hoef je eigenlijk niet veel meer te weten om als een goed mens door 't leven te stappen. Althans, dit is mijn mening maar evengoed met het nodige respect voor degenen die daar anders over denken. 
De straten van Hamme lagen er maar verlaten bij. Den Hugo speelde op die laatste kilometertjes nog even als stadsgids.  Hamme bleek een tweede thuis voor hem te zijn. Een boeiend en stijlvol brochureke over Hamme vind je via deze link : Toeristische Brochure Hamme . Moest het jou interesseren uiteraard. 

Na nog een korte stop aan een cafeetje in Hamme zelf was het al volledig donker. Bij aankomst aan de Mira brug was deze al geheel in duisternis gehuld. Een mooie wandeling werd weeral opgeschreven.  Deze mening werd unaniem gedeeld met de andere stapmaten en de Catsjoe. 


                                     Il treno di tozeur - Franco Battiato & Alice



12818 Created with flickr slideshow.



donderdag 2 november 2017

Het " Sint Anneke " - een solotripke

Stramme knoken deze morgen bij het opstaan. De mot begint er precies haar werk in te doen. Waarschijnlijk te wijten aan het feit dat het inmiddels 3 weken geleden is dat ik nog gestapt heb. Sorry, 2 weken. Die mot heeft blijkbaar nog een ander werkterrein. Rust roest dus en ik word het stilletjes aan gewaar. 
Deze keer ben ik er onverwachts alleen op uit getrokken. In het herfstverlof zouden de stapmaten wellicht wat anders aan hun hoofd gehad hebben en om op het laatste nippertje nog een oproep te lanceren ... daar was het al wat te laat voor. 


 


Maar verleden week vrijdag daarentegen zijn we met de stapmaten en de respectievelijke eega's nog eens bijeengekomen ten huize Ronny om de vriendschap wat op te blinken. Geweldige avond, lekker gegeten want de Ronny had daar een paella getoverd om U tegen te zeggen. Nogal royaal uitgepakt zou ik durven zeggen want er was genoeg om een heel regiment dragonders mee vol te lepelen, hun paarden mochten daar gerust bijgeteld worden. Een superieure en lekkere Rioja erbij, wat onovertroffen tapakes die Marc en Monique hadden ineengeknutseld als voorgerechtje, subliem gebak met signatuur "Maison Agnes & Hugo / Tamise" en een onvervalste crème Catalane van ons Annick als respectievelijke dessertjes. Af met ander woorden,  ... alles  volledig in stijl overeenkomstig onze Santiago-avonturen in Spanje die ondertussen onze stap-palmaressen al wat kleur hebben gegeven. Alhoewel, daar op die camino's hebben we het dikwijls moeten stellen met een simpel boccadilloke con jamon of queso en wat water uit de één of andere fontein of kraantje. Dat er bij deze hoorn des overvloeds de toekomstplannen werden toegelicht hoeft geen betoog. De volgende keer zal het bij ons thuis te doen zijn. Plezant, dat zal dus nog vervolgd worden !


Maar waar naartoe zo op het laatste moment ?  Antwerpen Linkeroever is vlakbij en daar liggen enkele mooie natuurgebieden die beslist de moeite zijn om er eens door te wandelen. Enkele werden er wel kunstmatig aangelegd maar dat doet er niet toe. De inspanningen die geleverd werden om tot dit resultaat te komen zijn lovenswaardig. 



Antwerpen Linkeroever of in de volksmond het 'Sint Anneke' daar heb ik mijn eerste huwelijksjaren nog doorgebracht, meer bepaald in zo een appartementsgebouw op het 15de verdiep. Lang heb ik het er niet volgehouden want ik ging daar stilletjes dood zoals een vogeltje in een veel te klein kotje. Het uitzicht was er wel prachtig ! De Scheldestroom, de skyline van Antwerpen en het Sint Annastrand.
Het Sint Annastrand verwijst naar het voormalige dorpje Sint-Anna dat in de eerste helft van de 20ste eeuw plaats moest maken voor de nieuwe ontwikkelingen op de Antwerpse linkeroever. Toen was het strandje een populaire trekpleister bij veel Antwerpenaren. Met een veerboot kwamen ze hierheen om van de befaamde mosselen op Sint-Anneke te genieten. Ook vandaag kan je nog steeds mosselen proeven in een van de talrijke horecazaken.  Enne, de veerboot is terug van weggeweest !

In de gauwte had ik nog een toerke getekend. Ik schat nat gewogen een goeie 20 paaltjes. Startplaats op het scoutsterrein Lange Wapper en zo naar de Burchtse Weel, vervolgens naar het Vlietbos, het Rot en de Middenvijver om dan uiteindelijk aan het Sint Annastrand te belanden, in de volksmond beter gekend als "De Plaasj". Het Sint Annabos, tot over onze landsgrenzen heen in 'vakliteratuur' gepromoot als de ontmoetingsplek bij uitstek voor onze homofiele medemens, heb ik niet in het trajectje opgenomen. 





Via de Finse looppiste die mooi naast het Galgenweel loopt ging het naar de Burchtse Weel. Het Galgenweel is het grootste semi-natuurlijk brakwatermeer in Vlaanderen. Het meer is ongeveer 40 ha groot. De diepte varieert van 2 tot 15 meter en heeft een oeverlengte van 3500 meter. Het meer is ontstaan na een dijkdoorbraak en staat via een sluis in verbinding met de Zeeschelde zodat het een brakwaterplas kan blijven. Ook rond het Galgenweel is het beslist eens de moeite om een kijkje te nemen. De Burchtse Weel is nu helemaal leeggedregd en biedt de aanblik van een schorre. Je ziet er al een heleboel waadvogels fourageren.


Zo belandde ik na een goed halfuurtje al in Burcht. Oscar, een viriel en kleurrijk dorpsfiguur uit Burcht had de Vlaamse Leeuw gedrapeerd aan de gevel van zijn sjiek huis in de Kloosterstraat. God weet voor welke reden ? Het bos aan de Burchtse Weel was verlaten en het leek er op dat er zojuist een hevige storm dit stukje bos had geteisterd. Overal waar je zag lagen er omvergewaaide bomen over de paadjes. Het had ook iets griezeligs in zich dat bos. Links en rechts staken er met mos begroeide resten van betonconstructies uit de bosgrond. Tot krot vervallen hangars aan de zijkant, overwoekerde industrieterreinen, hier zou eens deugdzaam werk van moeten gemaakt worden om dit terug wat op te waarderen.  

Daarna kwam het Vlietbos aan de beurt. Ook hier geen levende ziel te bespeuren. Dit bos oogde iets mooier alhoewel ik de indruk kreeg dat men de natuurlijke vegetatie vrij spel liet in dit bos. Een nieuwe vorm van natuurbeheer waarbij enkel exoten en woekerende gewassen bestreden worden ter wille van de inheemse begroeiïng. Het zag er vrij woest uit maar daarom niet minder mooi. Die indruk had ik ook aan het Rot, een natuurgebied dat tegen de middenvijver aanleunde. Hier zag je dan weer duidelijk de hand in van het natuurbeheer. Mooie wandelpaadjes uit fijn grind en hier en daar een bordje met wat uitleg over fauna en flora. Op één van de bordjes stond er vermeld dat dit gebied een overwinteringsgebied is voor veel gevederde vrienden. Tevens werd er op gewezen dat dit een rustplaats was voor mens en dier en dat dit moest gerespecteerd worden. Alle begrip daarvoor maar ik stelde me toch vragen bij de notie 'rust'.  De E17 met haar op- en afritten in de buurt leverde serieus wat achtergrondlawaai op. Rond de 75dB, ik heb het nagemeten, en dan mochten we nog van een kalme dag spreken midden in de herfstvakantie. Met de aanleg van de Middenvijver, enkele jaren geleden, heeft Natuurbeheer haar doel bereikt. Een uitgekiend waterdammenstelsel om de vismigratie te bevorderen werd verwezenlijkt. Op één van de bordjes werd er gewag gemaakt van de zalmtrek maar daar stel ik me als leek toch enige vragen bij. Soit, het is er aangenaam toeven.  
Na de middenvijver belandde ik op de immens grote hondenweide. Het was er vrij rustig. Enkele species van de canem amans, hondenliefhebbers dus, lieten er hun viervoeters ongebreideld stoeien. Een paradijs voor de beesten. De Catsjoe heeft hier ook al rondgelopen vertelde de Ronny me. Zij kan er dus ongetwijfeld over meeblaffen. 
Nog een laatste stukje diende er bezocht te worden. De Plaasj. Tevens de biotoop van Radio Minerva, de vrije zender gerund door krasse 70-plussers. Het strand lag er maar verlaten bij wat gezien de temperatuur en de periode in het jaar niet te verwonderen viel. Wie zit er nu in zijn zwembroek of bikini aan een strand in november ? In België dan nog wel ! Een heel ander beeld valt er in de zomer te spotten. Dan loop je er soms letterlijk op de koppen. De restaurantjes op de dijk daarentegen trokken al wel wat volk. Waar zou dat Bougondische hart anders nog kloppen ? 
Zo mijn solotripje zat er op. Erg geslaagd als tussendoortje en het mooie weertje was ontegensprekelijk debet hieraan. Volgende week zijn de maten er terug bij. Toch wel iets gezelliger als je wat klap hebt onderweg en ook : De drempel is dan wat lager om hier of daar een kroegje binnen te duikelen voor een lekker pintje. M'n stapmaten miste ik vandaag toch wel een beetje. 


                     Kijk eens in de spiegel - Dimitri van Toren / Bart Herman


12651 Created with flickr slideshow.