Pagina's

donderdag 23 februari 2017

De IJzervlakte tussen Diksmuide en Nieuwpoort

Dit uitstapje lag al enkele weken in de aanbieding te wachten op haar uitvoering. Langs de IJzer van Diksmuide tot haar monding in Nieuwpoort, een mooi stukje IJzervlakte en ooit in lyrische bewoordingen bezongen door de wereldberoemde bard Jacques Brel. Gisteren werd deze wandeling dan uiteindelijk opgenomen ter uitvoering. Het werd nog maar eens te meer een boeiende ervaring. Een hele onderneming om ter plaatse te geraken. Laten we daarmee mee beginnen. Vrij laat zijn we, ik den Hugo, de Ronny en de Catsjoe er aan kunnen beginnen. Het liep al vlotjes tegen de noen aan. Vertragingen, afgeschafte treinen en andere strapatsen van onze spoorwegmaatschappij zorgden voor het oponthoud. Nochthans waren we al reeds rond 8 uur vertrokken. Als 65 plusser kan den Hugo gebruik maken van het sociale tarief onzer spoorwegen. Voor een goeie 6€ mag je heen en terug een bestemming uitkiezen op voorwaarde dat je je reis na 9 uur aanvat. Bestemming heen Diksmuide en deze terug vanuit Oostende. Dat kon dus niet volgens de kaartjesknipster op de trein heen naar Diksmuide. Wel maakt de NMBS voor de kuststations een uitzondering. Enkel voor de bestemmingen naar de kuststations mag heen en terug verschillen. Dit moet je toelaten om met de kusttram de kust te kunnen verkennen. Verdorie toch, je moet al bijna een vol jaar doctoraatstudies achter de rug hebben om al die ingewikkelde regeltjes te kunnen vatten. Zoek deze info maar eens op ! Succes ! Klantgerichtheid is tot op heden nog steeds ver zoek. Het verschil maken tussen zwartrijden en menselijke vergissingen gemaakt uit onwetendheid is niet gekend bij de spoorwegen. Het zijn in hun ogen allen fraudeurs. Moest den Hugo zijn kaartje voor dezelfde 6€ met De Panne als bestemming hebben aangekocht en evengoed afgestapt hebben in Diksmuide, dat trouwens op hetzelfde traject ligt, dan kon hij ongestoord terugkeren vanuit Oostende. Nu kon hij als een potentiële fraudeur beschouwd worden.  Gelukkig zijn niet alle kaartjesknippers begriploze wezens en leverde dit op de terugreis Oostende - Gent - Sint Niklaas enkel een meewarrige blik op van één hunner controleurs. 


Al vlug stonden we via een ommetje langs het begijnhof van Diksmuide aan de oevers van de IJzer. Ondertussen werden de hemelsluizen volop opengedraaid en viel de regen met bakken uit de lucht. We waren verwittigd en aldus er ook op voorzien. Poncho, regenpet, regenbroek en stappen maar. De wind was ondertussen aangezweld tot orkaankracht. We werden bijna met rugzak en al den IJzer ingeblazen. De poncho van den Hugo werd na nog geen 100 meter door de wind in repen gescheurd. Vuilbak in ! Dat beloofde een zware trip te worden met al dat te trotseren natuurgeweld. Iets verder, nog voor de dodengang, moest de pet van de Ronny het ontgelden. Met een spurt kon hij nog juist voorkomen dat ze in de rivier belandde. 
Een reconstructie van de loopgraven, de dodengang, geeft je een indruk van het uitzichtloze leven dat de frontsoldaten hebben moeten ondergaan tijdens de Grote Wereldbrand in '14 -'18. Opgestapelde zandzakjes, de muren van de loopgraven,  een goeie 500 meter lang laten je naar die waanzin terugblikken. Zandzakjes, de zogezegde vaderlanderkes, als enige bescherming tegen de kogels, mortieren en obussen. Honderdduizenden soldaten zijn er gesneuveld en ontelbaren zijn verminkt teruggekeerd. Ik herinner me uit mijn vroege jeugd nog Nonkel Albert en Tante Vitje. Eigenlijk grootoom en -tante. Hij was blind geworden door een gasaanval. Mij werd er verteld dat de dokters gewoonweg de oogzenuwen doorknipten omdat er toch geen behandeling bestond. Oorlogsmonumenten en memoralia allerlei ontbreken hier niet in het decor. Grafplaatjes, zelfs van gesneuvelde jonge kereltjes, amper 17 jaar oud getuigen her en der van de gruwel. Met hen de status van helden toe de bedelen worden het geweten gesust en de ogen gesloten om er geen lessen uit te moeten trekken. Het mensdom zo kenmerkend.
Waaien en waaien, wat een natuurgeweld. De grashalmen lagen horizontaal tegen de grond geplakt. De beschermhoes van de Ronny zijn rugzak was het volgende object dat het wijdse luchtruim opzocht. Een nieuwe spurt samen met de Catsjoe voor de berging drong zich op. Wind op kop, alleszins toch voor de helft van het parcours, dat is labeuren om vooruit te komen. Geruime tijd kwam hij ook langszij. Je voeten werden weggeblazen. Je had bij elke stap niet de minste zekerheid dat ze daar zouden terechtkomen waar je ze hebben wou. En toch is dit ook plezant en beleef je zulke momenten erg intens. De natuur die je wat weerwerk bezorgt. Voelen dat je een lijf hebt. Een lijf dat zich verzet tegen de natuurelementen en tegelijkertijd eens goed gelucht wordt. De snottebellen hangen aan je neus, de tranen trekken streepjes aan je oogkassen door de wind, je adem stokt van tijds, en je stem moet je verheffen om je verstaanbaar te maken boven het stormgebulder uit. Je lijf maakt slagzij door de wind om je evenwicht te behouden ... kort gezegd, je voelt dat je leeft. Is dat niet prachtig ?


Halverwege de trip belandden we aan in Stuivekeskerke, een gehuchtje van Diksmuide. Tijd om m'n belofte van vorige week aan mijn vader zaliger te verzilveren. Tijd dus voor een pintje met andere woorden. Herberg 'de Vicogne' lag er verlaten bij. Door het raam glurend liep er een vervaarlijke hond rond. Een Akita, een Japanees ras. Een klant op jaren zat er zorgenloos met zijn eigen hondeke aan een tafeltje. De cafébazin was afwezig maar later bleek dat ze haar geitjes en eenden was gaan verzorgen. Den brave man bracht de Akita naar de keuken en verwittigde de cafébazin dat er volk was. 'Tè ne valsche sjmeerlappe dien hond' vertrouwde hij ons toe toen we even later veilig het etablissement binnenstapten. De cafébazin bracht ons het nodige vocht. Voor mij nen Hapkin en voor m'n andere stapgenoten een 'oerbier'. Schol ! 't Werden er 2. Op één been kan je immers niet staan. Vandaar ! Er ontspon al vlug een gesprek met de oude man. Jongens toch, wat ben ik dankbaar voor zulke onverwachte en leerzame ontmoetingen. 'Berten', met die naam ging deze brave door het leven. Hij was 79 jaar oud en zijn leven lang verdiende hij als matroos de kost in de 'Visscherie op Island'.  Een onvervalste IJslandvaarder zeg ! Potverdekke toch, ik mag niet vloeken want later op de dag maakten we in de trein nog kennis met een toffe pastoor en wie weet leest hij wel mee ! 👀👀


                                                                Le France - Sardou

Berten vertelde dat hij op latere leeftijd in de IJslandvisserij was beland. Hoe oud was je Berten ? 20 jaar was hij amper. Zijn langste reis was 6 maand op zee. De wateren rond IJsland, Terre Neuve wat na wat opzoekwerk New Foundland in Canada bleek te zijn, de Labradorzee waren zijn werkvloer. Tot tegen de kust van Spitsbergen gingen die mannen op kabeljauw, rog, zeewolf en tongen vissen. Meestal waren het reisjes van 24 dagen en gingen ze hun vis uitwerpen in Duitsland en Engeland. Hard werken met 20 man aan boord. Zelfs een marconist maakte deel uit van de bemanning. Die kon niet op zijn sympathie rekenen want die kwam niet aan dek en verdiende nog meer op de koop toe. Trots vertelde hij dat hij op de stoomtrawlers had gediend. Heel wat anders dan die 'Dutsche skepen' waar je van de grond kon eten. Vol ontzag sprak hij ook over het Franse passagiersschip 'Le France' dat hij te zien kreeg in St. Nazaire, haar thuishaven. Wat een verschil met de schuiten waarop hij voer. Molly zijn hondeke mengde zich af en toe in het gesprek en met een voorzichtig opgestoken vuist maande hij zijn beestje tot de orde. Molly was zijn levensgezel, zelf was hij nooit getrouwd geweest en hij vond van zichzelf dat hij een gelukkig man was geweest en het nog steeds is. Ik ben maar een domme matroos geweest zei hij. Thuis, ging hij verder, vonden ze het maar niks dat ik ging varen. Dat was een job voor tuig en uitschot, althans zo luidde het verdict van zijn vader. Wel, dom was hij zeker niet en waarschijnlijk bedoelde hij met zijn uitspraak 'niet geleerd' maar ik kreeg alvast de indruk dat het een wijze man was. Bij het afscheid nemen gaven we Berten een welgemeende handdruk. Je voelde nog de ruwheid en kracht in die klauw. De geschiedenis van een hard vissersbestaan lag er in beschreven. Tot ziens Berten !
Komaan nu nog wat verder stappen. Als het water het hoogst staat waait de wind het hardst had Berten ons nog gezegd. We moesten hem gelijk geven. We liepen er nog nog een pak schever bij. Nog steeds dat oorverdovend gebulder van die stormwind boven onze koppen en die zelfs nog in kracht bleek toe te nemen. De ganse IJzervlakte kreeg flink wat klappen te incasseren. Wij ook maar toch kwam stilletjesaan de jachthaven van Nieuwpoort binnen bereik. Daar aangekomen toverde de wind schuimkoppen op de golven en zware wolken gaven het geheel een bedreigend accentje. Einde rit, het monument van de koning te paard in Nieuwpoort was voor ons de finish. Daar namen we de lijnbus tot in Oostende. Die was er vrij onmiddelijk bij aankomst aan de halte. Ook in het station van Oostende hadden we vlug een trein huiswaarts. Overstappen in Gent en op de trein van daaruit naar Sint Niklaas zaten we in het gezelschap van de pastoor van Broechem. Eerst de Catsjoe en daarna de Ronny zijn schoonvader, koster in de buurgemeente Vremde, zorgden voor de opening van een gesprek met deze aimable man. Met veel belangstelling luisterde hij naar het voornemen van de Ronny om op pelgrimstocht te vertrekken. De pastoor zijn broer had ook die tocht gemaakt en was als een volledig ander mens teruggekeerd. De oorzaak aan die verandering boeide hem wel. Mijn bijdrage over m'n tochten en ook deze van den Hugo konden misschien iets verduidelijken. In alle geval, het is steeds wederzijds verrijkend om verhalen met elkaar te kunnen delen. Mensen met een luisterend oor hebben doorgaans een warme inborst. 
Onze doorwaaide trip was in St. Niklaas ten einde. Den Hugo werd afgezet ten huize en de Ronny met de Catsjoe aan het veer in Kruibeke. Zijn wederhelft zou hen aan de overkant in Hoboken oppikken. Dit was weer maar eens een prachtige dag ! Verhakkeld en verwaaid terug thuis gekomen verklaarde mijn madam mij ontoerekeningsvatbaar. Wie gaat er nu met zo'n weer wandelen ? En dan nog in zo'n waaigat waarvoor de Westhoek mee in de eerste rijen staat ? Tja, probeer dat maar eens uit te leggen ! 
  


Created with flickr slideshow.

donderdag 16 februari 2017

Een pelgrimszegen en een wandeling in de Durmevallei

De pelgrimszegen in de St. Rombouts te Mechelen was nog maar eens de moeite waard om er naartoe te gaan. Mijne stapmaat de Ronny was deze keer aan de beurt om deel uit maken, lees mee onderwerp uit te maken van deze ceremonie.  Het deed hem plezier dat de stapmaten Hugo, de Marc en ik er bij waren. Zijn ouders en schoonouders waren eveneens van de partij. Een goeie zaak want die mensen zijn al op een gezegende leeftijd en voor hen zorgde het onbekende avontuur van hun zoon/schoonzoon toch voor de nodige zorgen en zelfs onbegrip. Nu ze even kennis hebben kunnen maken met de pelgrimswereld en vastgesteld hebben dat haar bevolking nog grotendeels over de nodige geestelijke vermogens beschikt, is er meer begrip gekomen voor het voornemen van de Ronny om op pelgrimstocht te vertrekken. Voor mij was het aangenaam hen te mogen leren kennen. 
Een piekfijn verzorgd evenement werd het. Getuigenissen, muziek, voordrachten, koorzang, videovoorstellingen ... stuk voor stuk met diepgang en helemaal niet saai. Na afloop tijdens het buffet bleek iedereen weer erg tevreden. Ik en den Hugo hebben er wat fotokes van getrokken. En dan nu aansluitend en op onuitgesproken verzoek van Lieve en Agnes, de respectievelijke echtgenotes van de Ronny en den Hugo, een airke muziek ! Volume vollen bak en helemaal open ! 🔊🔊🔊


 Celine Dion / Il Divo - I Believe in You


Lonely
The path you have chosen
A restless road
No turning back
One day you
Will find your light again
Don't you know
Don't let go
Be strong

Follow you heart
Let your love lead through the darkness
Back to a place you once knew
I believe, I believe, I believe
In you
Follow your dreams
Be yourself, an angel of kindness
There's nothing that you can not do
I believe, I believe, I believe
In you

Tout seul
Tu t'en iras tout seul
Coeur ouvert
A l'univers
Poursuis ta quète
Sans regarder derrière
Que le jour
Se lève

Suis ton étoile
Va jusqu'ou ton rêve t'emporte
Un jour tu le toucheras
Si tu crois si tu crois si tu crois
En toi

Suis la lumière
N'éteins pas la flamme que tu portes
Au fonds de toi souviens-toi
Que je crois que je crois que je crois
En toi

Someday I'll find you
Someday you'll find me too
And when I hold you close
I'll know that is true

Follow your heart
Let your love lead through the darkness
Back to a place you once knew
I believe, I believe,
I believe in you

Follow your dreams
Be yourself, an angel of kindness
There's nothing that you can not do
I believe, I believe,
I believe in you

Deze morgen pikte ik om halfnegen de Ronny op aan het Kallebeekveer in Bazel. Hij zou met den boot komen vanuit Hemiksem om zo de ochtendfiles te vermijden. Iets vroeger vertrokken zodat de wegomleidingen me niet zouden verschalken zoals de vorige keer, was ik er al om 8 uur. De Ronny was er nog niet dus ben ik zelf maar even naar de overkant gevaren, de veerboot lag immers hier aangemeerd en zou juist gaan vertrekken. Een onvoorwaardelijk hartelijke begroeting wederom door de Catsjoe en de Cas.
In het terugkomen zorgde een bemanningslid voor het nodige animo. Onderwerp van conversatie waren de elektrische fiets en joggers met oorluidsprekertjes. Ik vermoed dat hij die ochtend electriciteit tussen zijn boterhammen had gesmeerd. Jongens, een hele uitleg over zijn fietsgebruik en ondersteund door de nodige lichaamstaal oreerde hij uitbundig zijn stellingen. 't Kwam er op neer dat het gedoe om zijn fiets uit de stalling te halen hem meermaals liet besluiten om maar zijn auto te gebruiken. Als hij dan toch eens zijn elektrische fiets van stal haalde, een vehikel dat volgens hem wel 50 per uur bolde, dan moesten de joggers het ontgelden. Die liepen hem allemaal in de weg en ' Ze kunnen mij niet horen dat ik er aankom' was zijn daaraan verbonden conclusie. Ik vermoed dat hij niet onderlegd was in het gebruik van een fietsbel want een welgemikte mep op de schouder van het joggende slachtoffer zorgde volgens hem voor een beter resulaat. Een vrolijk intermezzo werd het en meteen werd zo de toon gezet.
Wat een prachtige ochtend  daar aan de Scheldeoever ! Het ganse landschap lag gesluierd onder een laag dikke laaghangende mist. Een feeëriek schouwspel. Het Land van Waas deed haar naam alle eer aan.

Van daaruit zijn we vertrokken naar Waasmunster om 20 km lang de beentjes voluit te strekken. Een lus tussen Lokeren en Waasmunster en grotendeels langs de oevers van de Durme was het voornemen. Aangekomen daar, zou het nog even duren vooraleer de zon die nevelsluiers zou opslokken om daarna in het helderblauwe hemelspan katoen te kunnen geven. Het was alsof de lente al aan haar beginoffensief was begonnen. Een uitgelezen dag werd het. Prachtig lenteweer werd onze bondgenoot.

Het eerste  deel van de trip verliep rustig aan langs het Durmepad tot in Lokeren.  Het verloopt gesmeerd met de Cas zijn heropvoedingsprogramma. Op amper een tiental dagen tijd is het al een heel ander beestje geworden. Mooi liep hij mee en zonder de minste apestreken. 't Is om niet te geloven.
De Durme is een zijrivier van de Schelderivier maar nu nog nauwelijks de naam rivier waardig. Voor mij heeft die waterloop nu meer weg van een uit de kluiten gewassen en verder een dichtgeslibde beek maar daarom niet minder mooi. In ontelbare bochtjes slalomt hij door kwasi onbebouwd gebied. Een onverhard jaagpad op de rechteroever doet de authenticiteit van het landschap recht aan. Maar voor hoe lang nog ? De talrijk aanwezige sporen van rupsbanden doen het vermoeden rijzen dat er weldra een asfaltbaan zal worden aangelegd. Uit met het rustieke karakter want deze paden zijn het lievelingsterrein van op snelheid gerichte mountainbikers en andere koersfanaten. Doorgaans zonder fietsbel op de koop toe maar dit tussen haakjes vermeld.
Door het graven van de Sassevaart in 1547 en het Kanaal Gent-Terneuzen tussen 1823 en 1827, werd de Durme afgesneden van haar bron en bovenloop. Hierdoor begonnen grote delen van deze 'onthoofde rivier' te verzanden. Het zand dat met het opkomende tij via de Schelde werd aangevoerd, ging bezinken in de bedding van de benedenloop. Om scheepvaart mogelijk te houden, begon men vanaf de twintigste eeuw met baggerwerken. Ondertussen was het hoogwaterpeil in de Schelde aanzienlijk gestegen en bij springtij werd de Durmevallei herhaaldelijk geteisterd door overstromingen. Nadat in 1930 enkele dijken het hadden begeven, werd het Pompstation Groote Watering van Sinaai opgericht, wat het begin inluidde van een systematische ontwatering van het valleigebied. Na een ernstige overstroming in de stadskern van Lokeren werd in 1955 besloten om ook hier maatregelen te nemen door de Durme af te dammen ter hoogte van het Molsbroek. Hierdoor werd de Durme van Waasmunster tot in Hamme/Tielrode in feite een getijdengeul van de Schelde. Door al deze hydrografische ingrepen werd uiteindelijk de dominante stroomrichting van de historische Durme omgekeerd.
Het Molsbroek, ook een natuurpareltje werd nog maar eens opgenomen in de lus. Dat stoorde helemaal niet.  Het prachtige paadje dat dwars door die enorme plas loopt nodigt je telkens wanneer je in de geburen bent uit om het te bewandelen. Na het Molsbroek was het tijd om te schoven. Bokes en een fleske rode wijn op een bankje. Een wandelaar met een Golden Retriever kwam ons gezelschap houden. Die arme kerel was zijn vrouw bijna kwijtgespeeld door een beet van een Rottweiler. Die beet veroorzaakte een anafylactische shock en indien de dokter 5 minuten later was gekomen, zou het te laat geweest zijn. Iets later op de wandeling deed een andere hondenbezitter ons kond van het feit dat hij en zijn hondeke door 3 Rottweilers was aangevallen. Ook geen al te fraai verhaal. Zijn viervoetertje werd bijna in 2 helften doorgebeten. Er scheelt duidelijk iets met sommige bezitters van zulke beesten. Onkunde of machismo ? De hond misbruikend als aanvulling op hun sociale identiteit ? Voor een revolver of ander schiettuig moet je een vergunning hebben, en terecht ook, maar een wetgeving die voorkomt dat zo een beest in verkeerde handen valt ontbreekt tot op heden.
Soit, het leverde wel gesprekstof op. Ook de op til staande kweeste van mijne maat zorgde voor veel voer onderweg. Het zorgt wel voor gezonde spanning bij mijne maat. Hij weet ondertussen goed waar hij aan gaat beginnen en de mentale power is aanwezig. Dat komt dus slim ! Nog een mooi deel werd er door het bos gestapt. Schitterende natuur. Minpunt was wel het achtergrondlawaai van het verkeer op de E17. Als je er begint op te letten wordt het echt storend. Op 500 meter van het eindpunt kregen we nog het gezelschap van 2 jonge meisjes. Ik schatte deze kinderen een jaar of 8. En maar babbelen en geen enkele terughoudendheid tegenover vreemden. Ze vroegen of ze even met de honden aangelijnd mochten meestappen. Waarom niet, maar zowel ik als de Ronny voelden duidelijk ongemak. Je stelt zo een schaapke enerzijds niet graag teleur maar hoe maak je als vreemde zo een kind duidelijk dat het er beter aan doet geen vreemden aan te spreken ? Een taak voor de ouders volgens mij.
De wandeling zat er op. Terug aan het Kallebeekveer wachtten we tevergeefs aan de kade totdat het veer zijn gangway zou neerlaten. Noppes, om 5 uur moest hij vertrekken maar bleef schoon liggen. Dan maar even gaan kijken beneden aan de steiger. Het bareeltje bleef neergelaten. Een halfuur hebben we daar staan koekeloeren en ware het nu dat iemand van de bemanning even de moeite zou nemen om ons in te lichten waarom de boot niet afvaarde dan kon je schikkingen treffen. Maar nee, een piepklein aan de bareel geplakt papiertje vermeldde dat het veer op politiebevel niet mocht uitvaren. Inderdaad, aan de overkant in Hemiksem lag er een patrouilleboot van de rivierpolitie aangemeerd. Maar goed, de service van een overheidsdienst mag nog maar eens in vraag gesteld worden. We konden er immers nog staan wachten. Jongens wat wordt ik een zageman :-). Tijd dat ik nog eens op tocht ga.
Dan maar naar het veer Kruibeke - Hoboken afgezakt. Van enkele schooljongens vernamen we dat er aan de steiger in Hemiksem een lijk werd gevonden. Dat hadden ze hen op school verteld. Tja, zoiets maak je ook niet alle dagen mee. Wie weet is dat aangespoelde lijk wel het stoffelijk overschot van de Zwarte Veerman met zijn schatkist uit mijn blogbijdrage van 26 januari ?  Ik zal de krant eens in het oog houden. Allez, de Ronny is dan uiteindelijk toch kunnen overvaren. Zo erg was het, op dat lijk na uiteraard, allemaal niet. Den Hugo had ons nog gevraagd om in het naar huis keren even bij hem thuis binnen te wippen. Heel sympathiek maar de aanwezigheid van de Cas maakte het ietske complekser. Dat beestje was zo zwart als nen hogen hoed, kletsnat en vol modder door de wandeling ... zo kom je niet bij de mensen op bezoek hé ? Nu, veel verschil maakte het misschien niet uit want den Hugo was zelf nog in zijnen hof aan't ploeteren.
Zo we kunnen er weer tegen. Content zijnde dat we deze mooie dag hebben mogen plukken kunnen we enkel maar hopen dat er nog vele moge volgen. Thuis gekomen meldde Annick me dat de Leo aan de deur geweest was. De man die mijn kinderen leerde lezen, schrijven en rekensommen maken. Hij had een mooie verzamelmap voor me bij met schitterende wandelingen van Pasar. We kunnen weeral inspiratie opdoen. Dankjewel Leo !
Niks opgevallen vandaag ? We zijn geen enkele pint gaan drinken !!!  Het doet me verdorie ineens terugdenken aan een uitspraak van mijn vader zaliger wanneer ik om wat extra zondagsgeld vroeg : 'Zèn al oe cengs werral oep manneke ? Awel, dan doede mor is een droeg wandelingeske !'. Dat hij verder ruste in vrede die brave mens.

'Va', dat maken we volgende week wel weer effen.  😇

  

Created with flickr slideshow.

donderdag 9 februari 2017

De verlaten kleiputten van Terhagen


Staptoerkes rond de 20km en niet te ver van huis zijn ideaal om tijdens de korte winterdagen een wandeling ineen te steken. Het Scheldeland en de Rupelstreek liggen van thuis uit op een goeie boogscheut en beantwoorden volledig aan dit gestelde criterium. Het was geen grote opkomst vandaag. Den Hugo is zijnen hof aan 't soigneren want die moet op orde staan tegen dat hij naar zijn Zwarte Madonna teent ginderachter in Polen. De Marc en den Angelo waren verhinderd, zij moeten jammer genoeg nog een tijdje de gevolgen dragen van de zondeval en in het zweet des aanschijns nog even hun kost verdienen. Wel was er vandaag een nieuw gastje mee op wandel. De Cas, ééntje met vier pootjes. Cas is het hondeke van mijn dochter en alhoewel dat beestje voorzien is van zeer lange oren, hij luistert nagenoeg voor geen fluit. De Ronny had mijn dochter voorgesteld om hem een weekje op logies te laten komen waarbij hij zich over het beestje zou ontfermen om hem wat nette hondenmanieren bij te brengen. Zondag zullen we het resultaat kennen van de verbeteringskuur. Een tussentijdse update op dinsdag klonk al beloftevol. En, met de Catsjoe als mentrix heb ik er alle vertrouwen in.
Voor zaterdag ga ik, de Marc en den Hugo naar de Ronny zijn pelgrimswijding in de Sint Rombouts te Mechelen. Daar zal hij zijn boekje, het takkenbosje en de St. Jacobs schelp in ontvangst nemen. Een mooie ceremonie, ook voor buitenstaanders. 't Begint te korten want op 1 april, nee het is geen grap, is hij ribbedebie. Zijn plannen zijn enigszins gewijzigd. Hij gaat vertrekken in Vézelay in plaats van in het eerder vermelde Aire sur l'Adour. Vézelay in Frankrijk is een geijkte startplaats voor vele pelgrims, vandaar de wijziging. Net zoals Tours, Le Puy en Velay en Arles beginnen er daar vele honderden hun tocht. Met Vézelay als vertrekpunt te kiezen zal hij al zeer vlug in de pelgrimsmodus zitten gezien hij al van in het begin in het gezelschap van vele medepelgrims zal zitten. Het vooruitzicht op een pelgrimstocht van een goeie 1750 km doet me verdorie watertanden en maakt me een beetje jaloers. Maar geduld is een mooie deugd en mijn tijd komt nog wel. In alle geval zal ik hem en den Hugo missen. Die vertrekt naar gewoonte op de 1ste mei.

Ter orde nu ! Na het buitenland, de kleiputten van Niel en de reservaten van Klein Willebroek breien we aan het Rupelavontuur nog maar een stukje bij. Terhagen het steenbakkersdorp aan de Rupel, dat past daarbij perfect in het scenario. 
Terhagen was vroeger een gehucht van Rumst, maar werd in 1874 een afzonderlijke gemeente. In 1977 fusioneerde het weer met Rumst. Het dorp is gegroeid als een steenbakkerijdorp, maar vandaag heeft ook de laatste steenbakkerij haar deuren gesloten. Nergens in het Vlaamse landschap is de mens zo brutaal tussengekomen als hier in de Rupelstreek. De gerenommeerde Boomse klei werd hier vanaf de 13de eeuw in een steeds sneller tempo uitgegraven. Grote, diepe putten bleven over en domineren nu het uitzicht tussen Rumst en Hemiksem. Enkele schoorstenen van verdwenen steenbakkerijen zoals in Niel rijzen hier en daar nog op aan de horizon. Ze getuigen nu van het vergane nog in de kleigrond gekerfde en herkenbare verleden. De schoorsteenwouden die men destijds in Terhagen kon aantreffen zijn reeds jaren geleden gesloopt en op dit ogenblik blijven er nog slechts twee overeind. De terreinen werden opnieuw opgespoten met baggerzand uit de Schelde, waardoor de natuur de kans kreeg de verwoestingen uit het verleden te wissen. Enkele verrassend mooie oasen van rust en groen zijn hierdoor ontstaan. 


Het gebied heeft nu als recreatiegebied 'De Schorre' een volledig andere bestemming gekregen. Op dit provinciaal domein vindt nu jaarlijks het Tommorrowland evenement plaats. Honderdduizenden technomuziekfanaten van over de  hele wereld beleven er het feest van hun leven. Dit tot de grote ergernis van een paar enkelingen die klagen over de geluidsoverlast en via gerechtelijke weg pogingen ondernemen om het plezier van die duizenden mensen te ontnemen. Zagemannen maken nu éénmaal ook deel uit van de bevolking.  
Om 9 uur zijn we vertrokken aan de statie van Boom. Een nevelige en grijze dag waarop de zon verstek gaf. Koud ook, ik had een truike meer mogen aantrekken. Des donderdags is het marktdag in Boom en een klein ommetje kon best. Aan een viskraam werden er enkele kibbelingen aangekocht kwestie van het wandelexploot op een degelijke wijze aan te kunnen vatten. Jammer dat ze niet opgewarmd konden worden. Heerlijk ! Catsjoe en Cas deelden dezelfde mening. In de gauwte nog vlug een koffieke in een bruine kroeg op het marktplein en pleite. Via enkele sfeervolle straatjes ging het richting Rupeldijk uit en na een goed uurtje belandden we aan de Schorre. Ondertusssen passeerden we ' 't Steencaeyken', een gezellig eethuisje dat door het buurtcomité aldaar werd aangekocht met het oog op de reïntegratie van jonge delinkwenten. Zij beheren de boel en dit blijkt een geslaagde gok te zijn want het zaakje draait er erg goed. 
Het heropvoedingsproject van Cas, het hondeke van mijn dochter, loopt eveneens op wieltjes. Vinnig liep het beestje mee, zelfs onaangelijnd. De Ronny zijn deskundige aanpak werpt reeds de eerste vruchten af. Alhoewel het artificiële de boventoon bepaalt in het ganse domein werden er hier en daar in het landschap elementen behouden die nog verwijzen naar de teloorgegane industrie van weleer. Een stukje spoorwegtunnel, gerestaureerde droogtunnels voor de klei en nu tot magazijnen omgebouwd, een oude kleiput waarin het water de smaragdgroene kleur van de klei weerspiegelt en vele bordjes met educatieve informatie.
Om niet op de aangelegde paden te moeten blijven had ik enkele alternatieve weggetjes uitgestippeld in het domein. Had ik beter niet gedaan. Deze paadjes bleken deel te zijn van een mountainbike parcours en vrijwel onbegaanbaar. Steil, modderig en vervaarlijk glad. Geen erg echter, daar werd een mouw aangepast door al vlug de begaanbare wegen en kluppelpaden op te zoeken.
Een betonnen hutje op de hondenweide kwam uitstekend van pas om de bokes op te eten. Ondertussen konden de Catsjoe en de Cas naar hartelust rennen op de weide en socializen met andere viervoeters. Een dame, in het bezit van 2 Spaanse asielhonden, wist ons te vertellen dat bevoegde park- of boswachters je op een boete van 250€ konden trakteren wanneer je met een onaangelijnde hond je buiten de hondenweide bevindt. Jawadde ? Door een rood verkeerslicht rijden kost je evenveel. Waar ligt nog de verhouding tussen misdrijf,  haar impact en de sanctie ?
Door de onbegaanbaarheid van mijn gekozen parcours werd de wandeling flink ingekort waardoor we iets vlugger dan voorzien in 't Steencaeyken terecht kwamen. Een Antigoon moest de ingekorte wandeling compenseren. Iets voor op het tijdschema rees de gedachte om, eveneens ter compensatie, een bezoekje te brengen aan den Eddy een ex-collega van ons beiden. 



Een toffe en moedige gast den Eddy. Op m'n Camino van 2012 heb ik een steentje met zijn naam erop nog neergelegd aan het Cruz de Ferro. Eddy woont in Boom. Hij was thuis maar kon ons onmogelijk ontvangen met die 2 honden want er waren 7 katten in huis. Naar verluidt duldden die poezekes geen honden in hun territorium. Alle begrip hiervoor bij zo een onaangekondigd bezoek. Het speet ons een beetje dat we hem hierdoor in de verlegenheid brachten.  Moeke Poes, met deze troetelnaam gaat zijn vrouw Hilda door het leven, zorgde voor een sympathiek compromis. Aan de overkant van de straat bevindt zich het buurthuis  'Boomkewies', een naam geïnspireerd op een spelletje kaarten. Daar konden we op haar voorstel ietske gaan drinken. Onze maat, den Eddy zou thuisblijven want hij verwachtte nog volk. Hilda vroeg om met de Cas naar het buurthuis te mogen wandelen. Ze mistte haar hondje 'Maxi' een Maltezerke waar ze jaren lief en leed mee gedeeld had. Nu met al haar poezen was de aanschaf van een hondeke kwasi onmogelijk geworden.
Een plezante babbel werd het daar in dat buurthuis. Onvoorstelbaar goedkoop ook. Een lokaal straf biertje 'Hellegat' kostte amper 2€. Voor een appel en een ei kon je daar zelfs een ganse menu bestellen. Rond een uur of 5 werd het tijd om op te hoepelen en naar huis te keren. Een hartelijk afscheid en tot de volgende Hilda ! Aan de statie van Boom nam ik afscheid van de Ronny, de Catsjoe en de Cas.  Deze laatste zijn heropvoedingsprogramma is immers nog niet afgewerkt. Ondanks de verkorte wandeling kan er toch weeral een fijne dag opgetekend worden !     


Created with flickr slideshow.

vrijdag 3 februari 2017

Het Rivierenland in Klein Willebroek


En we zijn weer vertrokken zie. Ik heb ondertussen mijn ritme teruggevonden. Rond 9 uur afspraak aan het sashuis van Klein Willebroek met de Ronny en de Catsjoe. Den Hugo had ik eerder al opgepikt in Temse waar het kommeke koffie wederom al klaar stond. We konden het deze dag niet al te lang rekken want elkeen had 's avonds nog wat verplichtingen. Een toerke in de geburen moest het bijgevolg worden. De mooie wandeling van verleden week in de Rupelstreek kreeg hierdoor nog een staartje. Klein Willebroek, eveneens aan de Rupel gelegen, bleek na afloop eens te meer de moeite waard. Het is een gehuchtje van Willebroek, de biotoop van den Angelo die er jammer genoeg niet bij kon zijn. De Marc was eveneens verhinderd. Het gehuchtje ligt ten noorden van Willebroek en zit gekneld tussen het zeekanaal Brussel-Schelde, de Rupel en het industriegebied langsheen het kanaal. In het oosten gaat het via het Blosodomein Hazewinkel over in enkele prachtige natuurgebieden. Halverwege de 16de eeuw werd de Willebroekse Vaart gegraven waardoor er in het voormalige schorregebied de eerste bewoners zich kwamen settelen. Een stille getuige uit vervlogen tijden en eveneens plaats van onze afspraak was het in 1608 opgetrokken sashuis. Dit sashuis, ook wel het Spaans Huis genoemd kwam er in vervanging van het in 1573 opgetrokken oude sashuis en doet nu dienst als heemkundig museum. Samen met de wipbrug aan de saskom is het nu een beschermd dorpsaanzicht. In deze eer delen ook het standbeeld van de boottrekker en het Nationaal monument van het Schippersgezin. Iets verderop vind je een Britse Sherman tank die ons er aan moet laten herinneren dat op 4 september 1944 er hier over de inmiddels verdwenen Van Enschodtbrug over de Rupel, de geallieerden reden om Antwerpen te gaan bevrijden. 



De Ronny en de Catsjoe waren al op post en na een uitbundige begroeting door de Catsjoe konden we starten. De dorpskern lag er heel rustig bij en al gauw zaten we in het natuurreservaat Broek - de Naeyer.  De natuur herstelt zich hier langzaam van het jarenlang aangedane leed. Een uitgekiend natuurbeleid, saneren van de bodem en het opspuiten van grond zorgen ervoor dat de achtergelaten littekens van de vooroorlogse industrie stilletjesaan verdwijnen. Heel merkwaardig dat in dit voormalig turfwinnings- en stortafvalgebied van de papierfabriek De Nayer in Willebroek er nu otters en bevers huizen. Tot voor kort was het ganse gebied één vergiftigde boel. Een mooie natuurplek is het nu geworden en bovendien erg leerrijk. Veel educatieve informatie vind je hier over die beestjes. Beslist de moeite om dit eens met jonge kinderen te verkennen.
Eens dit broek uit belandden we terug op de Rupeldijk. Even een pauzeke inlassen voor het aperitiefke drong zich op. Aan bankjes en picknicktafeltjes geen gebrek en iets voor het kasteel 'De Bocht' kon ik mijn Triple Waterloo en een oerdegelijke salami met noten tevoorschijn brengen. Een kort intermezzo op een staptochtje mag niet ontbreken. Opkrassen nu en het volgende agendapunt werd aangesproken namelijk het verder volgen van de rupeldijk richting de samenvloeiing van de Dijle en de Nete. Iets verder voorbij de fietsbrug over de Dijle ging het opnieuw landinwaarts. Een met prikkeldraad gebarriceerd dijkpad hield ons niet tegen wegens onwettig afgesloten. Dit althans volgens den Hugo. Hop erover of eronder en het mooiste stukje van de wandeling ontplooide zich voor onze ogen. Gracieus slingerde dit groen bemost padje, hand in hand met een heldere beek door het weidse landschap. Betoverend en maagdelijk schoon stukje rivierenland was mijn conclusie. 
We bereikten na een klein uurtje het oostelijke puntje van de Hazewinkelplas. Het was ondertussen tijd geworden om de schoofzak boven te halen. Daar op het Blosodomein staat er een grote cafetaria annex restaurant. Op enkele klanten na was die keet leeg. Den Hugo ging aan de uitbaatster beleefd vragen of we op het buitenterras onze bokes mochten opeten. Daar was het nog leger want er zat niemand. Van in de deuropening kon ik zien dat de bazin hare kop er al neeschuddend bijna afvloog. 't Is maar hoe je aan commerce doet. Okee, in volle seizoen zou je dat begrijpen dan bezet je de plaats van iemand die wel consumeert maar geen mens te bespeuren op dat terras. Maar goed, dan konden we haar ook niet de 2 tripeltjes gunnen die we elk bij onze bokes zouden soldaat gemaakt hebben. Een picknicktafeltje iets verderop kon evengoed dienst doen. Zonder tripeltjes dan welverstaan.
Na het schaft kwam het Blaasveldbroek aan bod. Een moerassig gebied dat tot recreatiedomein werd gepromoveerd. Het merendeel van de paden is er verhoogd met dolomiet of platgewalst steenpuin. Ook staan er genoeg rustbankjes om even te verpozen. Halfverteerde bladeren bedekken er de menige boswegeltjes die je tussen de vele plassen door laten laveren. Hier en daar verschijnt er een moeras waaruit knoestige boomstronken als verweerde skeletten oprijzen. Aalscholvers, berbereenden, Canadese ganzen, zwanen, buizerds, spechten ... aan gevleugelde fauna geen gebrek in deze contreien.
Eens dat Blaasveldbroek uit kwamen we terug uit bij de roeivijver van Hazewinkel. Volgens de Ronny, onze sportexpert, één van de snelste roeivijvers ter wereld. 't Moet iets te maken hebben met de cohesie van de daar aanwezige H2O moleculen. Ik heb daar helemaal geen kennis van. Water is water volgens mij. 'Fish f*** in it' vertrouwde de notoire zuipschuit-schrijver-dichter Henry Charles Bukowski ooit aan het papier toe. Wellicht viel de aanleiding voor het ontstaan van deze pennevrucht in een andere context te situeren.
Nog één natuurreservaat viel er plat te lopen : De Biezenweiden. Het is een groen bebost eiland omsloten door waterlopen en plassen. Hier en daar zie je nog de rijen wilgenbomen die vroeger het eiland afzoomden. In lang vervlogen tijden werd het bos er aangelegd voor de houtkap maar ook nu zijn die wonden geheeld en de littekens verdwenen. Onverwacht ook weer een prachtig stukje vaderland. Het wandelingetje liep weeral bijna naar haar einde. Eens die Biezenweiden uit zaten we aan de reeds eerder vernoemde Willebroekse vaart, nu een zijarm van het zeekanaal en dienstdoend als jachthaven. Luxueuze plezierjachten liggen er aangemeerd, werkeloos wachtend op het komend nieuwe vaarseizoen. We waren bijna rond. Een bijpassende afsluiter in de vorm van een smakelijke La Chouffe in café 'Het Zeezicht' in de dorpskern maakte de dag weeral compleet. Ik vraag me af waar de cafébazin haar inspiratie vandaan haalde om haar kroeg het 'Zeezicht' te noemen. Deze naam deed geenszins afbreuk aan de gezellige uitstraling van het etablissement en bij 3 Choefkes kreeg je een gratis kaboutermuts. Die is voor ons Stafke.  
Toffe dag weeral. Goed weer, goed gezelschap en nu mag het voor mijn part beginnen regenen zie. Met bakken. Het zit er weeral op.
 

                                              Let it rain - Luciano Pavarotti / Jon Bon Jovi


Created with flickr slideshow.